Kinderen zijn sowieso een stuk slimmer dan grote mensen, daarvan was ik allang overtuigd. Sinds ik een exemplaar op de vrije school heb ondergebracht, zijn er nog wat ervaringen aan dit wereldbeeld toegevoegd. Hierbij de meest opvallende vaardigheden die mijn vrijeschoolkind heeft alsof het de normaalste zaak van de wereld is.

Spreuken

Voor alles is een spreuk, lied of versje. En dan bedoel ik letterlijk: voor alles. Een nieuwe dag, week of ander soort periode begroet je met een spreuk, vanzelf. Kinderen zijn toch al dol op herhaling, en als het rijmt, slaat het helemaal aan. De spreuken markeren een moment: het begin van een periode of situatie. En dat is nuttig, want van nature zijn wij mensen best huiverig voor verandering. Nieuw = onbekend = eng. De spreuken bevestigen de op handen zijnde verandering, en stellen je gerust. Zo weet mijn kind gewoon dat elke overgang bij het leven hoort. 

Zie alvast dit hilarische liedje over het vrijeschoolonderwijs.

Ritme 

Alles kent een ritme. De dag, de week, het jaar: terugkerende elementen zijn vanzelfsprekender dan wat ook. Dat ritme leren de kinderen weer kennen dankzij veel herhaling en de spreuken die het begeleiden. Zo wordt het leven heel duidelijk en veilig. 

In Het hele jaarfeesten vind je mooie rituelen die de tijd van het jaar markeren

Samenhang

Niets staat op zich. De kinderen leren van kleuter af aan dat ze ingebed zijn in een gelaagde wereld. Ze leren – niet uit boeken maar door ervaring, mind you! – dat het leven cyclisch is. Dat er vele jaren zijn geweest voor hen en vele jaren komen na hen. Geschiedenis en mythologie vormen een stevige basis. De kinderen zijn ingebed in de tijd, de kalender gaat niet in een lijn maar in een cirkel, dus je keert altijd weer terug naar hetzelfde punt op het wiel. Zo bezien is waar je vandaan komt praktisch hetzelfde als waar je naartoe gaat.

In de bekende euritmielessen hangt beweging samen met een verhaal, met muziek, met aardse belevenissen en magisch bewustzijn. Sprookjes zijn er levensecht. De kringloop van het leven zit erin. Het principe van zo-boven-zo-beneden.

Delen

Ieder kind brengt dagelijks een stuk fruit mee. Heel gewoon, maar er is een twist. Je kind eet zijn eigen fruit namelijk niet op. Dat fruit gaat in de grote mand, en wordt in de klas gewassen, geschild, gesneden en rondgedeeld. Zo kan ieder kind op een ontspannen manier leren delen, kiezen en proeven.

Seizoenstafel

De seizoenstafel kende ik al wel, maar de vrije school gaat een paar niveaus hoger dan het verzamelen van seizoensgebonden natuurschatten. Ware meesterwerkjes van vilt pronken op de seizoenstafel; in elke klas een eigen variant, en op centrale plaatsen in de school staan er uiteraard ook. Niet te vergeten zitten ze stampvol verwijzingen naar sprookjes, oude verhalen en wijsheid uit de natuur.

Slecht weer bestaat niet

Weer of geen weer, naar buiten gaan ze elke dag. En dan niet een speelkwartiertje hè, oh nee. Zo’n anderhalf uur brengen ze dagelijks buiten door. Laarzen en regenpakken behoren dan ook tot de standaard outfit die de kinderen op school bewaren. Regen, modder, vieze beestjes – alles is de moeite waard, en er is gewoon nooit een reden om het buiten-zijn te ontvluchten. En de schatten uit de natuur kunnen weer een plekje vinden op die seizoenstafel.

Duurzaam tot in je tenen

Waar je ook kijkt, een vrije school ademt duurzaamheid. Aardewerken kopjes, speelgoed van hout en vilt, tekenmaterialen van bijenwas. Dat brengt me meteen op het volgende punt.

Zelf maken

Als je iets wil hebben, dan maak je dat. Zo simpel is het. Valt trouwens ook onder het punt duurzaamheid. Voor kinderen die ‘overvliegen’ naar een volgende klas maak je zelf een cadeautje en traktaties maak je vanzelfsprekend ook zelluf. Nog een mooi voorbeeld. Bij de oprichting van een nieuwe vrije school in mijn buurt bevat de eerste lesweek als programma: het maken van de meubels voor het nieuwe lokaal. Kinderen en ouders gaan gewoon aan de slag om de boel in te richten.

Zorg voor elkaar

Elke week maken de kinderen brooddeeg (en jawel, het graan wordt dan ter plekke gemalen in de handmolen, het deeg puur van meel, water en zout gekneed) en bakt de klas broodjes voor de lunch. Elke week maakt een ouder een pan soep voor het lerarenteam, zodat de leerkrachten goed gevoed aan de vergadering kunnen beginnen. Ouders (met hulp van kinderen) maken de klas periodiek schoon. Zo kan ik nog een tijdje doorgaan. De betrokkenheid is groot, daar komt het allemaal op neer. 

Samenleestip: Dank je wel, lekker brood! en Dank je wel, lekkere appel!

Ervaren is weten

Hoe meer zintuigen betrokken zijn, hoe vrijeschoolser het is. Rekenen op papier? Welnee. Kinderen schijnen te schrijven, tellen en meten in de ruimte, met hun lichaam, driedimensionaal, met muziek. Ook daar is over nagedacht: je leert gewoon beter wanneer er meer zintuigen bij betrokken zijn. Daar ben ik stiekem wel jaloers op; minder in het hoofd en meer in het lichaam.

Lees ook dit artikel over de bewegende klas

Vrijeschoolkind is geen doetje

Als je nu denkt, dat het er allemaal soft en suf aan toe gaat, heb je het mis. Het spelen in de kleuterklas bijvoorbeeld kan er ruig aan toe gaan. Met allerhande materialen mag gebouwd worden. Kinderen klimmen en kruipen, bouwen en botsen. De totale ruimte van het klaslokaal wordt gebruikt. Ook buiten spelen is niet voor doetjes, hadden we al geconstateerd. En dan is er nog iets heel on-truttigs. Je hebt doorzettingsvermogen en verantwoordelijkheidsgevoel nodig op de vrije school. Waarom? De juf of meester kan zomaar een project aanbieden waarbij je iets gaat maken dat je lange tijd bezighoudt. Opgeven is geen optie. Het doorzetten zit hem ook in het bouwen aan relaties. De klas en de leerkracht blijven vaak meerdere jaren bij elkaar, dus je investeert in de onderlinge band. Er zijn ook veel opdrachten die je alleen samen tot een goed eind kunt brengen. Heus niet wollig en vrijblijvend dus.

Abgeëckt

De hamvraag is natuurijk: word je een beetje leuk groot, na een vrijeschoolopvoeding? We kunnen alleen maar afwachten. Gelukkig kwam ik dit filmpje tegen. Twee jolige jongens zingen een liedje over hun vrijeschooleducatie. In het refrein de heerlijke uitroep ‘En al mijn hoekjes zijn abgeëckt abgeëckt abgeëckt!’ Met de nodige (zelf)spot, zeker, maar ik denk alleen maar: als volwassen geworden kinderen zó over hun school kunnen zingen, dan hebben ze er beslist iets goeds meegemaakt.

Verder lezen

Het hele jaarfeesten | D. Rot en L. Wade

Dank je wel, lekker brood! | B. Weninger

Dank je wel, lekkere appel! | A. Moller

De bewegende klas – hoe leren kinderen?

7 vrijeschoolprincipes voor thuis

Fotografie Jana Boekholt

DOWNLOAD EDITIE GROEI NU GRATIS (t.w.v. 9,95 euro)

Je ontvangt meteen onze zinnige nieuwsbrief (waarvoor je je uiteraard op ieder moment kunt uitschrijven)

Het is gelukt, je hebt mail! (check ook je spamfolder)

0