42 weken bevalling Monique

42 weken: de ontspannen bevalling van Monique

42 weken zwanger is ze, als haar bevalling spontaan begint. Monique van der Werff vertelt haar verhaal. Ze wilde heel graag thuis en in bad bevallen van haar eerste kind. We delen haar verhaal graag, om het vertrouwen in een mooie, krachtige bevalling te vergroten. Ook als het je eerste is!

“Drie dagen na de uitgerekende datum werd ik midden in de nacht wakker met heftige krampen in mijn buik. ‘Oh, dus zó voelt een wee!’ Ik stond op en voelde een golf water langs mijn benen gutsen. Ik maakte mijn man wakker: ‘Schatje, het is begonnen.’”

Dat was zo ongeveer het beeld dat ik had van hoe een bevalling begint. Nou, bij mij mooi niet dus! De geboorte van ons eerste kindje had een bizarre aanloop, waarbij ons geduld behoorlijk op de proef werd gesteld.

Wachten

Het is drie dagen na de uitgerekende datum en er is bij mij nog helemaal niks aan de hand. Al vanaf 37 weken staat ons bevalbad klaar in de woonkamer. ‘Het kan nu elk moment gebeuren’, zeggen we steeds tegen elkaar. Maar voorlopig gebeurt nog helemaal niks. Traag trekken de dagen aan ons voorbij. Regelmatig krijg ik telefoontjes en berichtjes van ongeduldige familieleden. “Gebeurt er al wat?” “Nee”, zuchten we dan, “dat vragen wij ons ook af…”

En dan ben ik 41 weken zwanger. Mensen worden nu echt ongeduldig: “Wanneer word je ingeleid?” “Nou, niet!” “Huh, maar dat moet toch?” Dat is inderdaad het protocol in onze regio. Maar ik wil graag een zo natuurlijk mogelijke bevalling en ik wil ook per se thuis bevallen. Een inleiding zou aan die twee grootste wensen rond mijn bevalling meteen een einde maken. Gelukkig weet ik dat je niet verplicht bent je aan het protocol te houden en hebben wij ook onze vroedvrouw hierop uitgezocht. Zij is zelf ook van haar eerste kindje thuis en in bad bevallen en gelooft er in dat mij dit, ondanks de statistieken, ook gaat lukken. Onze back up vroedvrouw denkt er net zo over en geeft zelfs les in badbevallingen.

Protocol

Gelukkig zijn deze powervrouwen dus niet bang om samen met ons dwars tegen het protocol in te gaan. Ik ga zelfs niet naar het ziekenhuis voor de standaard controle, laat geen vruchtwater echo maken en ik laat me ook niet strippen. Ik moet wel zeggen dat het weerstaan van de maatschappelijke druk hierin me zwaarder valt dan ik van tevoren had gedacht, want wat als het misgaat? Dan is het ‘je eigen schuld’… Maar ik ben trots dat we doorzetten en gewoon blijven afwachten. Ik durf dat omdat ik de baby nog evenveel voel bewegen en voel dat ie het goed heeft in mijn buik. En Erik, mijn man, kan door zijn oor op mijn buik te leggen zelf het hartje stevig horen kloppen. Mijn rotsvaste overtuiging dat mijn baby komt als ie daar zelf klaar voor is, maakt het wachten niet minder zwaar. Dat zijn we in het westen niet meer gewend: gewoon niets doen en afwachten. Vertrouwen dat de baby op het juiste moment vanzelf komt. Vertrouwen op de natuur.

Begint het?

En dan, op 41+2, vrijdagnacht 4.00u, beginnen de weeën. Tussen de 4 en 6 minuten! Nadat ik dat een uur op m’n digitale wekker heb zitten timen, maak ik mijn man wakker. ‘Ik denk dat we zo de vroedvrouw moeten bellen…’ Ik ga eerst nog even naar de wc en ineens houden de weeën op. Een kwartier later begint het weer, maar vanaf dan komen ze heel onregelmatig en om 8.00u ’s ochtends houdt het zelfs helemaal op. Vals alarm! Wat raar is dit. Voorweeën dus, maar die verdacht veel op echte weeën lijken. Die dag gaan we gewoon winkelen en lunchen in de stad. ’s Avonds bakken we taarten en koekjes, voor de afleiding. Af en toe heb ik een wee. Die nacht om 4.00u, weer raak. Nu met heftigere weeën, maar om de 10 à 15 minuten. Frustrerend zeg…

Gaat het ooit gebeuren?

Dit gaat vijf nachten lang zo door. Elke nacht zijn de weeën een stukje heviger en de laatste twee nachten heb ik echt Eriks hulp al nodig om de weeën op te vangen en slaap ik zelfs (na zoveel gebroken nachten) tussen de weeën door. Dus: 10 minuten slapen, wakker worden, een wee opvangen, en weer 10 minuten slapen. De dagen en uren duurden nog nooit zo lang en dat het maar niet doorzet, maakt me onzeker: ‘Gaat het ooit nog echt gebeuren?’ denk ik.

Ik kan wel leuk bedacht hebben dat ik het allemaal natuurlijk wil, maar is mijn lichaam hier wel toe in staat? Misschien kán ik het gewoon niet.’ En de mensen maar zeuren: “Gebeurt er al wat?” Ik blijf vasthouden aan mijn wens, maar vind dit wel spannend met de 42 weken-grens in zicht. We besluiten dat we ook daar overheen willen gaan, maar ja, hoe ver dan? Wat als deze baby van plan is 45 weken te blijven zitten? Durf ik dat?

In het diepe

En dan zet het die woensdagochtend, met precies 42 weken, ein-de-lijk door! Als in: het stopt niet meer. Maar het patroon is nog steeds heel onregelmatig: heftige wee – 3 minuten pauze – zachte wee – 3 minuten pauze – zachte wee – 6 minuten pauze. Kort-kort-lang, kort-kort-lang, het lijkt wel morse-code. De heftige weeën zijn wel al heel pijnlijk en we moeten alles wat we hebben geleerd bij zwangerschapshaptonomie en hypnobirthing uit de kast halen om ze op te vangen. Tussen de weeën door zet Erik het bad klaar. ‘Voor de zekerheid’ denk ik vooral. Om 10u bellen we toch maar de vroedvrouw. Zij kan er om 11.30u zijn. Intussen heeft Erik het bad vol laten lopen en gaan we er ook maar alvast in samen. Wat een verademing! Het warme water ontspant mijn hele lijf.

Trots

Vaak hoor je dat als de verloskundige komt, je weeën dan even een half uur ophouden. Bij ons is het precies andersom. Zodra zij er eenmaal is, een hand op m’n been legt en zegt dat ze het zo knap vindt dat wij dit al zowat een week zelf aan het doen zijn en het ‘geduld’ dat we hebben gehad prijst met ‘wat zullen jullie een goede ouders worden’, moet ik (weer eens) huilen en worden de zwakke weeën ineens sterk en komen ze om de 2 à 3 minuten. “Bring in the adults”, grap ik naar haar. Alsof ik, nu de vroedvrouw er bij is, pas eindelijk echt over het randje en in het diepe durf om echt te gaan bevallen. Ook de kraamverzorgster arriveert en ik ga snel het bad weer in.

Oh, wat helpt dat heerlijk warme water om de weeën op te vangen! En vooral fijn om mijn man zo dichtbij me te hebben. Erik blijft maar zeggen hoe goed ik het doe en hoe trots hij op me is. Hij masseert me, houdt me stevig vast, coacht me om in mijn lichaam en bij de ervaring te blijven en dat sleept me door deze nu wel heel heftige weeën heen. “Misschien moet ik er nu maar op durven vertrouwen dat de bevalling echt is begonnen.” zeg ik tegen Erik en Michelle, onze vroedvrouw, die intussen naast de kraamverzorgster op de bank zit te breien. Dat zij ons zo onze gang laten gaan, geeft mij veel vertrouwen: wij kunnen dit zelf.

Wat fijn om mijn man zo dichtbij me te hebben

Mag ik je aanraken?

Na een tijdje ben ik toch wel benieuwd hoe ver ik eigenlijk ben, maar ik twijfel of ik ’t wel wil weten. Wat als ik na al dat harde werk slechts 1 of 2 cm ben opgeschoten? Dan zal ik zwaar teleurgesteld zijn, denk ik. Michelle zegt dat het soms ook dan fijn kan zijn om te weten waar je aan toe bent, en dat die eerste cm’s vaak sowieso meer tijd en moeite kosten dan de laatste. Ik stap uit bad en ga op de bank liggen. “Mag ik je aanraken?” vraagt Michelle. Na mijn toestemming voelt ze zó voorzichtig, dat ik amper voel wat ze doet. “Je bent hartstikke goed bezig, vrouw, je zit op 7 à 8 cm”, zegt ze. Wat een opluchting! Nooit gedacht dat ik zo blij zou kunnen zijn met zo’n getal.

Terug in bad, weeën opvangen, en na een tijdje schrik ik me rot als ik merk dat de weeën langzaam minder worden… Oh nee, niet weer! Ik durf het amper hardop te zeggen, bang dat ik alsnog richting ziekenhuis moet. Het ging zo goed, maar dit was het dan. Op dat moment denk ik: ‘maar ik ben wel dankbaar dat we deze fijne ervaring samen in bad hebben gehad’. “Michelle, ik heb het idee dat de weeën minder worden.” “Oh,” zegt ze, “dat is de ‘rest and be thankful’-fase.” De wát?

Rest and be thankful

“Als je een lange aanloop hebt gehad, beloont het lichaam je soms met een pauze voorafgaand aan de persfase.” “Dus…ik mag hier gewoon van genieten?” “Dat zou ik maar doen.” Ik wist niet dat dit bestond, maar ik mag gewoon een pauze! Wat een cadeautje. Ik lig gewoon echt te genieten en, met af en toe een zwakke wee, brengt de kraamverzorgster me wat te eten, terwijl ik grapjes lig te maken.

Samen

In die rustige fase vindt er nog wel een wisseling van vroedvrouw plaats. Michelle blijkt al die tijd al een flinke buikgriep te hebben, was toch gekomen (de bikkel), maar inmiddels is Elisabeth’s dienst begonnen en kan zij het overnemen. Ik vind dit wel even spannend omdat het tot nu toe zo goed gaat met Michelle, maar Elisabeth gaat ook gewoon lekker op de bank zitten. “Zometeen komt de persfase hè, kun je me daar wel doorheen coachen, zodat ik niet uitscheur?” vraag ik haar. “Als je dat graag wil doe ik dat, maar volgens mij kun jij prima op je eigen lijf vertrouwen”, zegt ze. “Volgens mij zit de beste coach in het bad,” zegt Martine, de kraamverzorgster. Ze doelt op mijn man, Erik, die het echt fantastisch doet als mijn bevalpartner. Het voelt zo samen.

Ik hang dan volledig ontspannen tegen Erik aan, we knuffelen en kussen

Verandering

En dan voel ik ineens een ander soort wee. Ik verander automatisch van houding en merk dat ik ook flink meer geluid moet maken. “Is dit de persfase?” vraag ik een beetje ten overvloede. “Zo ziet het er wel uit,” merkt Elisabeth droogjes op. Wat fijn dat ook zij dit gewoon laat gebeuren, niks geen gezeur met kijken of je wel 10 cm hebt. Zo kan ik echt op m’n eigen lichaam vertrouwen. Deze weeën zelf zijn heftiger, maar de pauzes zijn ook veel relaxter. Ik hang dan volledig ontspannen tegen Erik aan, we knuffelen en kussen. In een perswee schreeuw ik zo hard dat ik me niet afvraag of de buren, maar wellicht ook de overburen mij kunnen horen. En in zo’n pauze is alle pijn helemaal weg. Zo bizar dit. Zo kan het zijn dat ik na weer een oerkreet mezelf in Eriks armen stort en euforisch uitroep: “Wat heerlijk is dit!”. Tot groot vermaak van de vroedvrouw en de kraamverzorgster.

Het lijkt wel of ik aan de drugs ben. En ergens is dat natuurlijk zo, mijn lichaam is als een gek endorfine en oxytocine aan het aanmaken. Ik ga steeds meer hurken en op een gegeven moment zelfs staan. En dan ineens tijdens een perswee: ‘Plop!’ Wat was dat? “Dat waren de vliezen,” zegt Elisabeth. “Waarschijnlijk kun je het hoofdje nu voelen.” Ik voel vanbinnen en inderdaad: een lief, klein hoofdje. Zo héél zacht, met van die kleine haartjes. ‘Bijna, bijna ben je bij ons’ denk ik. Eindelijk…

Randje

Als ik na een tijdje weer voel, ben ik wel teleurgesteld dat het hoofdje nog op exact dezelfde plek zit. De vroedvrouw biedt aan om mee te voelen wat er gebeurt. “Er zit nog een randje”, zegt ze. Ze biedt aan me mee te helpen met ’t randje, maar dan moet ik wel uit bad. Als ik uit bad stap is daar een perswee die ik staand opvang en wow, dat is uit bad echt veel zwaarder. Ze zegt dat het ‘over het randje heen helpen’ pijnlijk kan zijn, maar ik voel helemaal niks. “Ik heb ook niks hoeven doen”, zegt ze dan. “Je hebt het randje zelf al weggeperst.” Het maakt me trots dat ik het weer helemaal zelf heb gedaan.

Ik weet niet hoe snel ik terug in bad moet komen. Daar voel ik opnieuw en het hoofdje zit nu veel lager. Dat motiveert me enorm om door te persen en voor ik het weet, voel ik het hoofdje naar buiten piepen. Dat brandt af en toe, en als het brandt, laat ik het hoofdje weer terugzakken, om niet in te scheuren. En werkelijk waar, op dát moment krijgt mijn baby de hik! Dat voelt net als in de buik, maar dan een stuk lager. Haha, wat bizar, alsof die baby niks beters te doen heeft.

Trillen

Inmiddels sta ik voorover gebogen en zak ik na elke perswee terug in Eriks armen. Die is ineens zelf niet meer zo ontspannen. Ik voel zijn lijf trillen. Natuurlijk, die is de hele tijd, al die uren, mijn baken van kalmte geweest, maar is nu zelf super-excited, omdat hij over enkele minuten zijn kind gaat ontmoeten! “Als het hoofdje geboren is, kun je je omdraaien, dan kun je de baby zelf aanpakken”, zegt Elisabeth. “Dat is bij de volgende wee.” Ik kan bijna niet geloven dat het al zover is.

Geboorte van de moeder

En – vooruit – 3 weeën later voel ik inderdaad het hoofdje naar buiten komen. Ik ervaar dat echt als een magisch moment, alsof ik zelf op dat moment door een soort poort ga. Hier wordt niet alleen mijn kindje, maar ook ikzelf als moeder geboren. Ik draai me voorzichtig om en zie voor het eerst het hoofdje. Wat ontroerend. “Raak maar aan hoor.” “Mag dat?” vraag ik gek genoeg. Die eerste aanraking, wow, wat lief. Bij de wee erna komt het lijfje naar buiten en liggend in Eriks armen pak ik de baby – mijn baby! Onze baby! – op en leg die op m’n borst. Knal donkerroze en met sterke armpjes en beentjes. Met grote donkere ogen die ons allebei aankijken, ligt de baby rustig bij te komen op mijn borst.

Pas na een tijdje huilt ie (dit schijnt vaker zo te zijn bij een watergeboorte, omdat de overgang gelijkmatiger is schrikt de baby minder). “Willen jullie niet weten wat het is?” Grappig genoeg zijn we daar helemaal niet mee bezig. “We gaan zo zelf wel even kijken.” “Tóch een meisje” zeg ik. Dit is oprecht een verrassing, omdat ik al die tijd dacht dat er een jongetje in m’n buik zat. Ze is er en ze is prachtig. Ik leg haar meteen aan de borst. Wow, dat voelt krachtig, dat zuigen! Ik weet niet wat me overkomt…

Nieuw gezin

Na ongeveer 20 minuten voel ik een soort van zwakke wee, en daar komt vanzelf de placenta. We zijn totaal overweldigd en vragen of Elisabeth en Martine even boven willen gaan zitten, zodat we dit moment echt even met z’n tweeën kunnen beleven. Met z’n drieën! Samen als nieuw gezin. We geven de navelstreng ook daarna nog flink de tijd om helemaal uitgeklopt te raken en pas als ie helemaal wit/blauw is, knippen Erik en ik, nog steeds in elkaars armen in bad, de navelstreng door. Daarna ga ik het bad uit om te checken of ik gehecht moet worden. Gelukkig niet! Alleen een klein schaafwondje dat vanzelf zal genezen. Intussen heeft Erik voor het eerst zijn dochter, onze dochter, vast en nét op dat moment doet zij haar ontlasting. Erik moet keihard lachen, zijn buik zit helemaal onder ‘t meconium.

Breien op de bank

In de kraamweek kan ik het zelf nog amper geloven. Ik ben zo blij en dankbaar dat ik de bevalling heb gehad waar ik van had gedroomd. En ik ben er eerlijk gezegd trots op dat ik het op eigen kracht heb gedaan en dat we zo eigenwijs waren om het protocol aan onze laars te lappen. Onze dochter is met 42 weken thuis geboren, in het water. Ik heb haar geboren zien worden en ik heb haar zelf aangepakt. Mijn hele bevalling was hands off en volledig natuurlijk, geen ingrepen, alleen voelen of hulp geven op mijn verzoek. De vroedvrouw heeft letterlijk zitten breien op de bank. Erik en ik zaten samen in het bad, hij heeft mij door alles heen gecoacht en tussen de weeën door hing ik in zijn armen. Ik vond het de meest intense ervaring van mijn leven, heel erg samen, verbonden en liefdevol.

Ons wachten en ons vertrouwen in de natuur zijn beloond!

Meer lezen

Guide to childbirth, Ina May Gaskin

Water, birth and sexuality, Michel Odent

Met vertrouwen in het proces bevallen

Een bijna-relaxte badbevalling

Een geboorteplan voor je bevalling

Natuurlijk bevallen: Wat je er zelf over te zeggen hebt