De meeste mensen zijn niet racistisch. Zullen we daar mee beginnen?

Want racisme, poeh. Een meer dan gevoelig onderwerp waar we vaak stilletjes omheen lopen. Niet omdat het ons niet interesseert, maar veel eerder omdat we niet weten wat we ermee moeten. Juist vanwege die gevoeligheid willen we geen fouten maken. Als je ieder mens de ruimte gunt, en daarin ‘kleurenblind’ bent, dan is het oké, toch?

Ben jij als lezer van dit stuk zwart of bruin? Dan vertellen we vast niets nieuws. Dit stuk is dan ook in het bijzonder gericht aan de witte lezers van Kiind, omdat witte mensen nu aan zet zijn om te zorgen voor verandering. Dat begint bij luisteren naar ieders ervaring.

Lees ook: Kleine racistjes: wat is ons eigen aandeel? 

Ik bedoelde het niet zo

Ik ben wit. Daar was ik me als kind nooit zo van bewust. Laat staan van het feit dat mensen met een andere huidskleur andere, moeizamere, levenservaring opdeden dan ik. Niet zo gek: ben je opgegroeid als witte Nederlander of Belg, dan heb je doorgaans weinig ervaring met racisme. Het vervelende is, dat je daardoor een blinde vlek krijgt. Het overkomt jou niet, dus zie je het niet. Net zoals vrouwen andere ervaringen hebben dan mannen. Rolstoelers andere ervaringen dan lopende mensen, transmensen andere ervaringen dan cis-genders*. Maar als je geen probleem ziet, betekent dat niet automatisch dat er geen probleem is.

Vergelijk maar: als je kinderen ruzie hebben, het ene kind heeft pijn, en het andere verdedigt zich met ‘Ik bedoelde het niet hard’. Hoe ga je daarmee om? Ontken je de pijn? Natuurlijk niet. Ongeacht de bedoelingen is er pijn, punt uit. Dat betekent dat er pijn is gedaan, zelfs al ging het per ongeluk. Wat heb je dus te doen? Vragen waar het pijn doet. Met je kinderen bespreken wat nu zou helpen. Hoe ze een volgende keer zonder botsingen kunnen spelen. Zodat je kind van ‘onbewust onbekwaam’ kan groeien naar ‘bewust onbekwaam’ naar ‘bewust bekwaam’. Van ‘Ik bedoelde het niet zo’ naar ‘Ik weet nu dat dit pijn doet, dus ik doe het niet’.

Het begint met luisteren

Zo staat het er ook voor als het om racisme gaat. Er zijn mensen met pijn, diepe pijn. Pijn die je niet altijd ziet als je de pijn niet kent. Ik ben zo iemand die geen idee had, en misschien jij ook. Onbewust onbekwaam dus. Ik ben nooit bang geweest voor extra politie-aandacht op grond van mijn uiterlijk. Ik hoef niet bang te zijn dat mijn kind de schuld krijgt in een conflict, op basis van huidskleur of etniciteit.

Doordat ik het niet lijfelijk ervaar, kan ik ook niet beoordelen of de multiculturele samenleving geslaagd is. Net zoals mannen niet kunnen beoordelen of we al klaar zijn met de emancipatie. Als vrouwen laten horen dat er nog steeds werk aan de winkel is, hebben mannen de taak om te luisteren. Ik hoor verdrietige verhalen over racisme. Dus zo heb ik de taak om te luisteren. Intussen ben ik ‘bewust onbekwaam’ geworden en wil ik naar the next level. Doe je mee?

Wat kunnen we doen?

Wanneer ervaren bruine en zwarte mensen racisme in onze samenleving? Wat kunnen witte mensen eraan doen? En wat kunnen ze beter laten?

Eigenlijk leren we daar als maatschappij niets over. We leren dat iedereen gelijk is, maar niet hoe we kunnen omgaan met diversiteit, en hoe we elkaar beter leren kennen . ‘Doen alsof er geen verschillen zijn’ lijkt de modus. Dingen benoemen voelt ongemakkelijk. Ik vraag aan twee moeders met verschillende achtergronden hoe zij ernaar kijken.

Verder kijken dan de buitenkant

Graciela (Colombiaanse, moeder van een witte kleuter) vindt dat we vooral kennis over andere culturen missen in onze samenleving. ‘Die nieuwsgierigheid naar elkaars taal en gewoontes is belangrijk,’ geeft ze aan. ‘In mijn geval ben ik cultureel gezien Nederlands. Ik ben hier opgegroeid, aan mijn accent hoor je dat ik Utrechts ben. Alleen mijn huid is donker. En op grond van mijn kleur word ik voor allochtoon of asielzoeker uitgemaakt. Het is echt jammer als we niet verder kijken dan die buitenkant. En trouwens, ook als ik wél een buitenlander zou zijn, is meer interesse op zijn plek. Stel je voor dat ik mijn land had verlaten, en hier een nieuw bestaan probeerde op te bouwen? Dat is echt zwaar, en verdient een betere houding dan die negativiteit.

Met mijn dochter praat ik nog niet uitgebreid over dit onderwerp. Ze is pas vijf. Ik merk wel dat ze druk bezig is met verschillende huidskleuren, dus daar praten we dan wel over. Voor haar is kleur iets neutraals, gewoon een van de dingen die je kunt zien, dus het hoeft niet beladen te zijn. Maar af en toe denk ik wel: in wat voor wereld moet zij opgroeien als er zoveel vijandigheid naar elkaar bestaat?’

2-0 achter met een donkere huid

Als Graciela op straat loopt met haar kind, merkt ze wel dat mensen kijken. Een donkere vrouw met een licht kind, hoe zit dat? Toch vraagt er nooit niemand naar. Jammer, eigenlijk. Want juist dan kun je de kloof overbruggen.

‘Mensen trekken van nature toe naar wat vertrouwd is. Je zoekt vrienden die bekend aanvoelen. Vriendinnen worden met een andere jonge moeder is logischer dan vriendschap sluiten met een bejaarde man, bijvoorbeeld. Zo gaat het ook met huidskleur. Het gaat haast vanzelf. Maar daardoor ontstaan er dus voortdurend groepjes ‘van hetzelfde’ die bij elkaar komen.

Omdat we met zijn allen te weinig die mix maken, blijft ‘de ander’ ook vreemd. En vreemd is algauw ook eng. Als ik door de stad loop, word ik vaak in de gaten gehouden. In de trein wordt ‘toevallig’ mijn ov-kaart heel vaak gecheckt. Kortom: ik val op, en krijg een ‘verdachten’-behandeling. Wanneer ik aan vrienden vertel hoe dit soort dingen gaan, geloven ze me soms niet. Puur omdat zij dit zelf nooit meemaken, en zich niet kunnen voorstellen dat je als donkere vrouw wel degelijk uit de rij gehaald wordt bij de douane terwijl mensen met een lichte huid gewoon door mogen lopen. Of dat je simpelweg niet geholpen wordt in een winkel. 

Het is geen ramp, ik maak me er niet dagelijks druk om. Toch vormt het je wel. Zoals mijn vader me vroeger al leerde: ‘Met een donkere huid sta je aan de start al 2-0 achter. Jij zult altijd harder moeten werken dan anderen.’ Als kind vond ik dat maar onzin, maar inmiddels heb ik zeker gemerkt dat mijn vader gelijk had.’

Voorkeur voor het bekende

Ook Cynthia (Surinaams-Nederlandse, moeder van 7 kinderen) heeft vergelijkbare ervaringen. Wat haar betreft is in contact komen met verschillende mensen een belangrijke eerste stap.

Cynthia: ‘Mensen ‘in het echt’ tegenkomen, dat is zo belangrijk, zeker voor kinderen. Op een organische manier ontdekken dat iedereen anders is, en dat dit oké is. Je mensbeeld wordt zo sterk gevormd door wat je ziet. Midden in de stad gebeurt dit al vanzelf. Woon je in een klein dorp, dan zul je zelf actiever diversiteit in je opvoeding moeten brengen. Praten over culturen, aandacht geven aan verschillen via boeken en films. Racisme is iets van ons allemaal. Het is heel natuurlijk om een voorkeur te hebben voor iets wat je kent. Het vertrouwde voelt veilig.’

Heel vroeger waren mensen uit het volgende dorp al ‘die anderen’. ‘Wij tegen zij’ gaf ook saamhorigheid binnen je groep. Maar we wonen nu dicht bij elkaar met veel mensen, zeker in de steden. Dus vanuit de gedachte ‘vertrouwd is veilig’ zul je jezelf en je kinderen moeten aanleren dat mensen met alle huidskleuren en achtergronden bij ‘jouw groep’ horen. Dat de groep die je ‘wij’ noemt, groter is dan bijvoorbeeld jouw eigen kleur.

‘Precies! We bewegen ons vaak binnen onze bubbel. En dat kan van alles zijn, onder andere huidskleur. Ook ik ontdek racistische gedachten bij mezelf. Het gaat erom, dat je je ervan bewust bent. Kijk ernaar. Je leert voortdurend.’

meisje met 'stop racisme' protestbord

Een van Cynthia’s kinderen, helemaal klaar voor de demonstratie in Amsterdam

Zwarte professor | schoonmaker (doorhalen wat niet van toepassing is)

‘Racisme vindt op heel veel lagen plaats. En het versterkt elkaar. Zo zie je op hoog niveau in de politiek, het bedrijfsleven, noem maar op, weinig donkere topmensen. Dat maakt het voor iedereen meteen lastiger om te doorbreken, want je mist de voorbeelden. Je maakt mij niet wijs dat het toeval is dat er zoveel donkere schoonmakers en pakjesbezorgers zijn.’

Heb je nog nooit een zwarte professor, chirurg of influencer gezien, dan ga je er onbewust vanuit dat het niet mogelijk is. Allemaal gedragen we ons naar die verwachting, en zo verandert er niets.

Cynthia: ‘In het onderwijs gebeurt het nog steeds dat kinderen onder hun niveau worden ingeschaald door de leerkrachten, puur door wat zij onbewust verwachten op grond van huidskleur. Ik heb in mijn eigen gezin meegemaakt dat mijn kind niet werd toegelaten op een school, waarbij afkomst duidelijk meespeelde. Het nare is, dat je het nooit boven tafel krijgt. Een school verschuilt zich makkelijk achter andere argumenten. ‘Dit is het beleid’ of ‘Er is geen plek’, hoor ik dan, terwijl ik zie dat voor de blonde buurjongen gewoon een uitzondering gemaakt wordt.

Ik denk sowieso dat we vanuit het onderwijs echt veel verandering kunnen en moeten maken. Dat is de route om verschillen kleiner te maken.’

En dan gaat het Cynthia niet alleen om het glazen plafond, maar ook om een betere mix van cultuur en etniciteit op scholen zelf. Het grootste deel van het basisonderwijs is overwegend wit of zwart. Zelfs als je actief probeert om je kinderen op een gemengde school te krijgen, is het moeilijk. Het bestaat simpelweg nauwelijks. Net als Graciela ziet Cynthia dat het principe ‘onbekend maakt onbemind’ zijn werk doet.

Binnenkort leer je het gezin van Cynthia kennen. In de nieuwste editie van Kiind. Regel meteen dat deze bij je op de mat ploft.

Breek het open!

Kunnen we het ongemak van racisme afhalen? Van een ingewikkeld probleem naar concrete oplossingen, ja graag. Zullen we het gezegde omdenken? Bekend maakt bemind.

Cynthia: ‘Neem een voorbeeld aan kinderen. Kinderen zijn open. Die vragen zich hardop dingen af. Komt er een klasgenootje op bezoek, dan ziet die dat onze kinderen niet exact dezelfde tint hebben. Wij volwassenen gaan daarmee in ons hoofd zitten. We maken verhalen. Kinderen niet. Die stellen gewoon de vraag: hoe zit dat?

Dat mogen wij zelf ook best vaker doen, zou ik denken. Breek het open! Wees tactvol, maar niet te voorzichtig. Als je op je intuïtie vaart, voel je wel aan of je een gesprek kan beginnen. Je lacht toch ook niet naar ALLE mensen op straat, dus ook niet alle witte of zwarte mensen zijn hetzelfde, en zullen hetzelfde reageren. 

Dat geldt voor beide kanten. Zie je iemand naar je kijken omdat je er misschien anders uitziet? Begin het gesprek. Houd je houding open.

Het gebeurt regelmatig dat mensen ons haar willen voelen. Dat ze vragen of ik mijn haar kam. (Ja, duh!) Natuurlijk hangt het af van de houding en intentie van de ander, waar je op in gaat. Maar ik zie omgekeerd dat mijn kinderen ook gefascineerd kunnen zijn door steil haar. Het is interessant. Die open basishouding kunnen we allemaal aanleren.’

Representation matters

Voor elk mens is het belangrijk om gezien en erkend te worden. Willen we met zijn allen dichter bij elkaar zijn, dan hebben we elkaar nodig. Een laagdrempelige stap is verhalen van anderen je huis binnen te halen. Boeken, films en muziek kunnen een kleurige wereld in je gezin brengen. Er zijn altijd meer perspectieven dan de jouwe. Ook voor kinderen.

Je kunt zorgen voor variatie in het speelgoed. Heeft je kind ook donkere poppen, of bruine Nijntje-knuffels, Barbies en Lego-poppetjes? Neus voor inspiratie lekker rond bij Homeland Dolls voor Aziatische, Afrikaanse en Latinopoppen, en bij Coloured Goodies, waar ze zelfs customized poppen maken.

Zelf dook ik de boekenkast thuis eens in. Dat was even schrikken, zeg. Van de ruim 100 kinderboeken kon ik er zes (6!) vinden waarin expliciet niet-witte personages voorkomen. (Verhalen over dieren niet meegerekend. Want dieren durven blijkbaar wél om te gaan met verschillende looks.) Het wereldbeeld dat ik onze kinderen mee wil geven, zie je totaal niet terug in huis. Mijn eerste huiswerk is helder: rennen naar de kinderboekenwinkel om de boekenplank representatief te maken!

*cis-genders: mensen die happy zijn met het geslacht dat ze toegekend hebben gekregen. Als je nog nooit van het woord gehoord had, ben je hoogstwaarschijnlijk cis-gender.

Verdiep je verder:

Avonturen met donkere kinderen in de hoofdrol:

Superleuke verhalen waarin ‘gewoon’ meer variatie in huidskleur is:

We steken ook de hand in eigen boezem. Onze redactie en freelancersbestand is nog niet representatief. Hoewel we altijd bezig zijn een divers beeld neer te zetten in ons blad, kunnen we echt nog beter ons best doen. Stap 1: bij deze expliciet de uitnodiging om een bijdrage te leveren aan Kiind als niet-wit persoon.

  1. Ben je een expert op een bepaald gebied (opvoeding/sociologie/psychologie – kan van alles zijn)? Wil je dan hier een gil geven?
  2. Of ben je schrijver en deel je de visie van Kiind? Of fotografeer je in Kiindstijl? Dan zou het fijn zijn als je je hier wilt opgeven.
  3. Of wil je een verhaal delen dat aansluit bij de thematiek van Kiind? Dan kun je dat hier doorgeven.

Beeld: Tjim Prins, Le petit lux

DOWNLOAD GRATIS EBOOK

Lees 'Zo bereid je je voor op je baby'. Je ontvangt meteen onze zinnige nieuwsbrief (waarvoor je je uiteraard op ieder moment kunt uitschrijven)

Het is gelukt, we gaan een mail naar je typen! (check ook je spamfolder)

0