Iedereen kent het gevoel wel. Het begint vaak met een kleine irritatie of ergernis en groeit uit tot een zacht borrelende vulkaan die dan plotseling tot uitbarsting komt. Vuurspuwend roep je uit: ”En nu is het genoeg!” Of iets anders van gelijke strekking. Zeker als je al honderd keer hebt gezegd dat iets niet mag. Elke ouder wordt vroeg of laat wel eens een keertje boos op zijn of haar kleine engel. Kinderen willen nu eenmaal de wereld ontdekken en daarbij moet je mooie interieur het soms ontgelden. Daarnaast zijn ze sterren in de vinger genadeloos op de zere plek te leggen. En ja, dan word je wel eens boos.

 

Een taboe

Boos worden is taboe. Want: je kunt jezelf toch wel onder controle houden? Je staat er toch boven? Je laat je toch niet kennen? Ook als kinderen boos worden roepen we al snel “doe eens normaal”. Maar boos worden is net zo’n normale en logische emotie als verdriet en blijdschap. Het is een belangrijke manier om stoom af te blazen. Als je boosheid ziet als een manier om wat druk van de ketel te halen dan klinkt het niet zo verstandig om het deksel er steeds op te willen houden. Niet bij kinderen en niet bij jezelf. Onder boosheid zit namelijk eigenlijk altijd een andere emotie. Dat zie je vooral goed bij kinderen. Het boos worden kan getriggerd worden door angst of onzekerheid. Het ene kind uit zich wat gemakkelijker dan het andere. Bij jezelf kan het lastiger zijn om uit te zoeken waarom je nu precies zo boos wordt. Het is wel de moeite waard om dit te doen. Want dan kun je er wat mee.


Boos worden is taboe. Want: je kunt jezelf toch wel onder controle houden?

Pak je boosheid aan

Maar goed, ondertussen is het wel zo fijn als je je emoties een beetje in goede banen kan leiden. Een van de belangrijkste dingen is daarom leren herkennen wanneer je boos wordt. Begint het bij een borrelend gevoel in je buik, krijg je het warm of ga je steeds sneller en harder praten? Herken de signalen en onderneem dan actie. Dat kan zijn dat je niet langer door blijft modderen tot je echt ontploft, maar ingrijpt. Dat je je terugtrekt en jezelf een time-out geeft om uit te blazen of stevig ijsbeert tot je gekalmeerd bent. Je onderdrukt je boosheid niet, maar probeert het wel constructief te gebruiken. Benoemen dat iets je boos maakt is ook niet erg. Kinderen voelen je stemming toch wel haarfijn aan. Ontken jij op zo’n moment dat je boos bent, dan is dat alleen maar onduidelijk. Kinderen leren immers door af te kijken bij anderen. Dat geldt ook voor boos zijn.

 

Wat niet werkt

Het is leerzaam om je het volgende af te vragen. Hoe ga jij met boosheid om? Laat je het zien? Of wacht je net zolang tot je ontploft en met deuren gaat smijten? Wat vertel je over booszijn? En hoe reageer je op de boosheid van je kind? Het is net als bij andere emoties goed om boosheid te erkennen. Iedereen wordt wel eens boos, hoe je ermee omgaat is wat telt. Ook naar je kind toe kun je best benoemen wat zijn gedrag met je doet zonder gelijk met consequenties te strooien. Let hierbij op dat je het gedrag dat je stoort benoemt. Wat niet helpt is om te vervallen in algemeenheden als : “Ik heb het gehad!” of “Nu is het genoeg!” Je kind kan er weinig mee en zal dus zijn gedrag niet veranderen. Bovendien schiet je er zelf ook weinig mee op. Sterker nog, de kans is groot dat je alleen maar bozer wordt. Bovendien geef je je kind geen eerlijke kans om zijn gedrag te staken.

 

Betrek je kind bij de oplossing

Bij oudere kinderen kan het helpen om het probleem ook bij hen neer te leggen. Je benoemt wat je niet fijn vindt en stelt voor om samen naar een oplossing te zoeken. Kinderen kunnen soms met de meest verrassende oplossingen komen. En een oplossing die ze zelf aangedragen hebben werkt vaak effectiever dan eentje die eenzijdig is opgelegd. Ook kun je aangeven dat je het gesprek op een later tijdstip wil voortzetten, omdat je merkt dat je te boos bent en er even over na wilt denken, of dat je eerst rustig wilt worden.

 

Maak het weer goed

Ben je toch helemaal uit je plaat gegaan? Geef dit dan ook toe en praat er samen over. Je maakt zo van je uitspatting iets leerzaams. Je laat zien dat je ook maar een mens bent die wel eens de controle verliest. Niets menselijks is ouders vreemd toch? Het is voor kinderen fijn om te weten dat ook jij fouten maakt en je laat zien hoe je het daarna weer goed maakt. Hoe je conflicten met elkaar kunt bespreken en alsnog samen kunt oplossen. Besteed hier echt aandacht aan. Jij bent misschien niet meer boos en kunt het grotere plaatje zien. Kinderen kunnen dit niet altijd.

Wanneer je je realiseert dat kinderen met name leren door voorleven, is het uiten van boosheid en vooral laten zien hoe je ermee omgaat een prachtige les om je kind mee te geven.

Zelfbeeld: opvoeden is voorleven

0