Beeld: Marije Denekamp

Chemische stoffen doen meer kwaad dan gedacht

Bestrijdingsmiddelen, hormoonverstoorders, vlamvertragers en perfluorverbindingen. Ze vliegen daadwerkelijk overal om ons heen schrijft Reporter Radio van Radio 1 in een artikel over chemische stoffen. En dat is geen goed nieuws.

ADHD en autisme
Reporter Radio interviewden onder andere Dr. Pim Leonards die het zeer uitgebreide Europese DENAMIC onderzoek coördineert van de VU. Dit onderzoek heeft uitgewezen dat er een link is tussen bepaalde stoffen en neurologische effecten bij kinderen. Hierbij kun je denken aan ADHD, autisme, angststoornissen en invloed op het IQ.

Het onderzoek werd opgestart nadat uit Amerikaanse onderzoeken steeds vaker bleek dat chemische stoffen een neurotoxische invloed kunnen hebben. Dat wil zeggen een negatieve invloed op de hersenontwikkeling, wat weer kan resulteren in gedragsstoornissen en leerproblematiek. Om na te gaan hoe het er precies voor staat in Europa, zijn 14 Europese partners een project gestart om exclusief de effecten op kindergedrag te onderzoeken.

Chemische stoffen en ongeboren kinderen
In Nederland onderzoekt Marijke de Cock van de VU voor het DENAMIC-project zwangere vrouwen en baby’s om na te gaan hoeveel en welke chemische stoffen zij bij zich dragen. Hierbij zijn 50 soorten chemicaliën onderzocht en hun invloed op het gedrag van kleine kinderen. De aangetroffen stoffen krijgen moeders tijdens hun gewone dagelijkse bezigheden binnen en worden vervolgens via de placenta doorgegeven aan het ongeboren kind. Hoewel de blootstelling het grootst en zorgwekkendst is gedurende de zwangerschap, krijgen baby’s ook na de geboorte via verschillende wegen chemische stoffen binnen. Denk hierbij aan de voeding, plastic speelgoed, verzorgingsproducten, verpakkingsmateriaal, pesticiden en andere stoffen die al eerder in het milieu terecht zijn gekomen.

Mierengif in moedermelk
Sporen van chemicaliën zijn ook aangetroffen in moedermelk, zo blijkt uit het DENAMIC-project. Wanneer Leonards benoemt dat er in moedermelk ook stoffen, zoals het nog steeds gebruikte mierengif, aangetroffen zijn maakt de interviewer direct van de gelegenheid gebruik door de klinkende oneliner ‘Mierengif in moedermelk’ de ether in te gooien. Hoewel het zeker waar is dat chemicaliën ook in moedermelk voorkomen is het erg kort door de bocht. Het zijn formuleringen als deze die moeders onnodig bezorgd maken over de kwaliteit van hun melk en die borstvoeding ten onrechte in een kwaad daglicht stelt.

Dat de aanwezigheid van chemicaliën in moedermelk helemaal niet zo exclusief is als gesuggereerd wordt blijkt wel uit de verklaring van het International Baby Food Action Network (IBFAN). Zij stellen namelijk dat chemicaliën in zowel borstvoeding als kunstvoeding voorkomen. Waarbij borstvoeding het immuunsysteem van kinderen dusdanig versterkt dat het de risico’s significant afzwakt. Het kan zelfs de blootstelling die is opgedaan in de baarmoeder verminderen. Kunstvoeding heeft deze werking niet en bevat soms zelfs een hogere concentratie chemicaliën dan borstvoeding. Daarbij komen nog de chemicaliën uit het verpakkingsmateriaal, de bakjes waarin het wordt bewaard en (in sommige gevallen) de fles die gebruikt wordt. Ook levert kunstvoeding tijdens het productieproces een negatieve bijdrage aan chemicaliën in het milieu die uiteindelijk ook weer terechtkomen in ons lichaam.

Informeren is de eerste stap
IBFAN zegt dat borstvoeding altijd beschermd, gepromoot en ondersteund zou moeten worden, ondanks de aanwezigheid van chemische stoffen in de moedermelk. De voordelen wegen namelijk zwaarder dan enig mogelijk risico. Effectiever zou het zijn wanneer overheden en de media ouders beter zouden informeren over de aanwezigheid van chemische stoffen in borstvoeding én kunstvoeding en hoe zij blootstelling aan giftige stoffen kunnen verminderen. Zowel voor, tijdens als na de zwangerschap, zodat ouders zelf een geïnformeerde keuze kunnen maken. Het stellen van hogere eisen aan het gebruiken van chemicaliën en het verbieden van bepaalde stoffen door de overheid zouden hierin de eerste stap moeten zijn. Zowel het IBFAN als het DENAMIC-project pleiten hiervoor.

Het cocktaileffect
Dat chemische stoffen moeilijk afbreekbaar zijn, blijkt uit het voorbeeld wat De Cock geeft wanneer zij benoemt dat DDT (al tientallen jaren verboden) nog steeds terug te vinden is in pasgeboren baby’s. Hieruit kun je concluderen dat bepaalde pesticiden heel moeilijk afbreekbaar zijn en nog decennia later teruggevonden en doorgeven worden. Eén lichtpuntje is dat veel van de nieuwe pesticiden weinig tot niet zijn teruggevonden, omdat ze steeds beter afbreekbaar zijn.

Een andere belangrijke conclusie is ook dat we niet aan een paar stoffen worden blootgesteld, maar aan meerdere tegelijk. De precieze invloed van een dergelijke cocktail is nog onvoldoende bekend. Leonards waarschuwt dan ook voor zulke cocktails van chemische stoffen, omdat uit het DENAMIC-onderzoek is gebleken dat een lage dosis stoffen die los van elkaar geen effect hebben, dit gecombineerd ineens wel hebben. Effecten die soms ook later in het leven nog aantoonbaar zijn, zoals bijvoorbeeld in de vorm van ADHD of autisme.

gifstoffenintekst

Voorwaarden moeten worden aangescherpt
Er is momenteel in de politiek veel te doen om de chemicaliën om ons heen. Begin maart gaf minister Edith Schippers te kennen dat de blootstelling aan BPA omlaag moet. Tegelijkertijd werd op 1 april ook bekend gemaakt dat de pesticide glyfosaat (te vinden in Roundup) voorlopig dan weer niet verboden zal worden in Nederland. Terwijl de Wereldgezondheidsorganisatie WHO al jaren waarschuwt dat het zeer waarschijnlijk kankerverwekkend is. Tweede Kamerlid Henk van Gerven gaat naar aanleiding van de onderzoeksresultaten uit het DENAMIC-project een Kamerbrief sturen om ervoor te zorgen dat niet alleen de toelatingsvoorwaarden van alle pesticiden alsnog worden aangescherpt, maar dat er ook een cocktailbeoordeling wordt gedaan om te bepalen hoe veilig stoffen werkelijk zijn.

Wat kun je thuis doen?
Heb je na het lezen zorgen over chemicaliën in jouw omgeving en wil je hier iets aan doen? Je hebt misschien niet overal invloed op, maar je kunt het thuis wel zo gifvrij mogelijk maken. Gebruik bijvoorbeeld voornamelijk oude en tweedehands materialen waar schadelijke stoffen al uitgewasemd zijn. Schaf je nieuw speelgoed aan, laat dit dan ook eerst uitwasemen zodra het uit de verpakking komt. Gebruik verantwoorde verzorgingsproducten. Kies voor BPA vrij plastic en liever nog voor andere materialen zoals hout, natuurrubber, stof of wol.  Koop liever niet geverfd hout. Met name bij tweedehands houten speelgoed en het wat goedkoper speelgoed heb je soms te maken met schadelijke verf. Gebruik biologische en ecologische producten en eet zo vers en verpakkingsvrij mogelijk. Hierdoor voorkom je dat chemicaliën uit verpakkingsmiddelen in je voeding terecht komen. Op de websites van onder andere Een veilig nest  en Greenjump vind je nog veel meer tips over gifvrij(er) leven.

Meer weten:
Beluister hier de gehele uitzending van Radio 1
Video: Chemicaliën en de stapeling van chemische stoffen in cosmetica
Video: IBFAN Statement on Infant and Young Child Feeding and Chemical Residues

http://kiind.nl/article617/

http://kiind.nl/article219/

Zo maak je kinderen schoon!

http://kiind.nl/article315/

http://kiind.nl/article118/