Met een klein rubberen bootje vaar je de grote wilde zee over, niet wetende of je überhaupt de overkant zal halen. De reis is levensgevaarlijk en achterblijven is geen optie, want in je land is het oorlog.

Samen met mijn kinderen kijk ik naar het journaal. We praten over wat er allemaal gebeurt in de wereld en hoe oneerlijk het is dat sommige mensen en kinderen dit soort vreselijke dingen mee moeten maken. We beseffen hoe goed we het hebben. Mijn kinderen zouden het liefst iets voor deze mensen doen, maar het is onmogelijk om al deze mensen te helpen. Dan is meneer Wilders op het nieuws, hij wil het liefst de grenzen sluiten. Mijn kinderen begrijpen het niet. Waarom wil deze man de vluchtelingen niet helpen? Ik vertel hen dat deze meneer bang is. Hij is bang voor vreemde en onbekende culturen en wil deze het liefst zo ver mogelijk uit zijn buurt hebben.

De kinderen zien dat anders niet eng hoeft te zijn

Twee dagen later komt mijn buurvrouw op de koffie. Ze werkt met vluchtelingen en vertelt dat ze hen koppelt aan mensen uit Nederland om zo beter te integreren in de samenleving. Ik vind het een prachtig idee, en zo maken we weken later kennis met een jongen van 19 jaar die helemaal alleen is gevlucht uit Syrië. Hij spreekt alleen Arabisch, dus verloopt de communicatie met hem erg moeizaam. Gelukkig kunnen mijn kinderen met handen en voeten praten en dat maakt de ontmoeting een stuk luchtiger en grappig. In de weken die er op volgen nemen we hem mee naar het bos, de dierentuin en komt hij, zo nu en dan, eten. Pannenkoeken vindt hij het lekkerst en dat is dan ook meteen het eerste Nederlandse woord dat hij leert. Volgens mijn kinderen is dit ook het belangrijkste woord (naast friet).

Voor hem zijn wij maar vreemd. Wie heeft er nu een hond in huis? En een moeder die werkt? Dat is niet heel veel voorkomend in Syrië. En als hij een keer voor ons kookt, dan doet hij dit met plastic handschoentjes. We praten en lachen om onze verschillen. De kinderen zien dat anders niet eng hoeft te zijn. Anders kan ook heel grappig zijn. Wist je dat ze in Syrië hun kont spoelen na het poepen?!

Maar hoe verschillend wij ook zijn, toch merk ik dat het voor onze Syriër goed is om te zien hoe het in een Nederlands gezin gaat. En ik ben blij dat ik mijn kinderen kan laten zien dat angst een slechte raadgever is. Als wij niets zouden doen en alleen bang zouden roepen dat vluchtelingen niet welkom zijn, dan hadden we nooit zo’n fijne ontmoeting gehad met een prachtig persoon. Een jongen die het lef had om helemaal alleen naar Nederland te komen. Die steeds in ongerustheid moet zitten over zijn familie en vrienden. Nu heeft hij een huisje. We konden hem helpen met een deel van de spullen die hij nodig had. Eindelijk heeft hij een beetje rust gevonden. En dan krijg ik ineens een appje van hem met de vraag of we binnenkort met zijn allen komen barbecuen. Mijn kinderen kunnen niet wachten om te gaan!

Verbinden is het sleutelwoord voor een gezonde samenleving. Ook op het Kiindfestival gaat het om verbinding. Daarom hebben we dit jaar als thema Grenzeloos. Omdat grenzen ook maar bedacht zijn! We werken daarbij samen met het AZC.

0