Column: Ontwikkelingstest

door Marlies Hanse
marlies hanse berlijn

Op een druilerige herfstdag stappen we de praktijk van onze kinderarts binnen. Een paar weken geleden vierden we Jaïr zijn vierde verjaardag en dus is het de hoogste tijd voor een nieuwe afspraak. Tot nu toe waren deze afspraken een kwestie van wegen, meten, een handvol routinevragen en stonden we binnen een paar minuten weer buiten. Vandaag staat er een heuse ontwikkelingstest op het programma. Voordat ik kan vragen wat precies de bedoeling is, rent Jaïr enthousiast de testruimte in.

De assistente haalt een mozaïekpuzzel tevoorschijn. Jaïr haalt de stukjes uit de puzzel en begint op een relaxed tempo te schuiven met de puzzelstukjes. Maar daar heeft de assistente geen tijd voor. Ze begint zelf een aantal puzzelstukken neer te leggen en vertelt hoe hij de puzzel af moet maken. ‘Vertel me ook even welke kleur elk puzzelstukje heeft’, zegt ze, als Jaïr weer aan het puzzelen is. Terwijl hij de kleuren van de regenboog opnoemt, bijt ik aan de andere kant van de tafel mijn tong af om niets te zeggen over het feit dat hij thuis puzzels in elkaar legt met meer dan 100 stukjes.

‘Kun jij tellen?’ Ja hoor, dat kan Jaïr wel. Hij schuift de puzzel weer een stukje dichterbij en begint de puzzelstukjes te tellen. Eén, twee… De assistente schuift de puzzel met een ferme zwaai bij hem vandaan. ‘Gewoon even tellen’, zegt ze. Jaïr kijkt om zich heen. Hij trekt een pot viltstiften naar zich toe en begint opnieuw. Eén, twee… De assistente zet de pot buiten zijn bereik. ‘Vind je het moeilijk om te tellen? Ik help je wel. Eén, twee, drie…’ Jaïr pakt het van haar over en telt tot tien. ‘Kun je nog verder?’ Jaïr schudt zijn hoofd. Ze kijkt me vragend aan. Moet ik haar vertellen dat hij alleen telt als hij wil weten hoeveel auto’s hij heeft, als we verstoppertje spelen of als hij de tafel dekt? Of moet ik haar ervan overtuigen dat hij tot twintig kan tellen in twee talen?

‘Je mag iets moois voor me tekenen’, zegt de assistente terwijl ze de viltstiften weer terug geeft. Jaïr maakt een groot vierkant en begint dat in te kleuren. Maar dat is niet de bedoeling. ‘Kun je ook tekenen? Een zon of een brandweerauto?’ Jaïr schudt zijn hoofd. ‘Ik maak wel een vliegtuig.’ In een paar strepen zet hij iets wat op een vliegtuig lijkt op papier en legt de viltstift weg. ‘Je houdt niet zo van tekenen’, concludeert de assistente. ‘Het is ook echt meer iets voor meisjes.’

Terwijl ze de tekening in het dossier stopt, richt ze zich tot mij: ‘Ik heb twee meiden en ik kan mijn huis behangen met al hun tekeningen. Zo leuk!’ Ik pers er met moeite een glimlach uit. Waar het me bij het puzzelen moeite kostte om Jaïr zijn kunnen niet met haar te delen, pieker ik er nu niet over om haar te vertellen over onze deuren vol kunstwerken. Waar het me aan het begin van deze ontwikkelingstest nog wel fijn leek als Jaïr goed uit de bus zou komen, kan ik er nu prima mee leven dat in zijn dossier staat dat hij alleen met hulp kan puzzelen, dat hij tot tien kan tellen en dat hij niet zo van tekenen houdt. Ik weet wel beter.

In ons boektijdschrift Opvoeders en huttenbouwers lees je meer over de ontwikkeling van kinderen

Marlies Hanse werkt als freelance journalist en woont met haar man en twee kinderen (4 & 1) in Berlijn. Op Instagram deelt ze graag foto’s over haar leven vol bewustzijn, minimalisme en unschooling. 

Word lid

In onze fijne online community verbind je met gelijkgestemden

Verder lezen

Column: Samen slapen – Nynke in Laos

Column: Samen slapen – Nynke in Laos

'Kijk, hier slapen we allemaal!' roept mijn oudste dochter trots als ze via Skype een rondleiding door het huis geeft. Het is waar. Daar slapen we. Allemaal. Het is een ruime slaapkamer, dat wel. Er ligt een groot mamabed op de grond en een net zo groot bed voor de...

Column: Een zwanger voorgevoel

Column: Een zwanger voorgevoel

Ik voel ineens dat ik zwanger ben. Zomaar, uit het niets. Sommige dingen vóel je! Vanuit je onderbuik of fingerspitzen of misschien gewoon omdat het niet de eerste keer was, maar ik voelde het dus. Lastig, want ik zat net in de auto onderweg van mijn ouders naar huis....

Preview: Binnenspieken bij het grote gezin van Anne Cornut

Preview: Binnenspieken bij het grote gezin van Anne Cornut

Deze lente mogen we binnenspieken bij de Vlaamse Anne Cornut. Met haar man en vijf kinderen bewoont zij een herenhuis uit de jaren ’30 in Vilvoorde, tegen Brussel aan: smal, hoog, klassiek en met meerdere verdiepingen. Dankzij een verbouwing valt er nu veel licht...

Column: Spinnen en andere monsters

Column: Spinnen en andere monsters

 “Aaah,” klinkt een ijselijke gil ergens op één van onze trappen, “papa, kom snel, kom snel.” Trappelvoetjes klinken vol ongeduld. “Een spin, een spin!” In gedachten zie ik zijn wijzende vingertje voor me. Ik...

Column: Als ik groot ben, word ik een meisje

Column: Als ik groot ben, word ik een meisje

Wat wil je worden als je later groot bent? Die vraag wordt hier doorgaans gesteld omdat de antwoorden zo heerlijk om te horen zijn. Van vuilnisophaler tot lampenmaker, van brandweerman tot hijskraanmeneer. Ook luidt het antwoord zo nu en dan: "Als ik later groot ben...

Column: Het sorry-kunstje

Column: Het sorry-kunstje

“Hee, laat je zusje maar even zelf spelen. Ik geloof niet dat ze nu geknuffeld wil worden.”“Maar ik doe echt voorzichtig, mama.”“Dat snap ik, schat. En ik vind het fijn dat je haar zo lief vindt. Maar kijk, ze duwt je handen weg, ik denk...

LEES GRATIS HET INTERVIEW MET ALFIE KOHN

Het interview met de grondlegger van het onvoorwaardelijk opvoeden in je mailbox? Je ontvangt meteen ook de Kiindnieuwsbrief vol inspiratie (uitschrijven mag).

Het is gelukt, we gaan een mail naar je typen! (check ook je spamfolder)

1