Wat is er nu fijner dan het dragen van je kindje? Dat warme lijfje tegen het jouwe, dat heerlijk ruikende hoofdje. Naast dat het zo fijn is, is dragen ook nog eens superlogisch. Zie je een ervaren ouder knopen, dan ziet het er gemakkelijk uit. Maar wanneer je het voor het eerst zelf probeert, kan het best ingewikkeld zijn. Wij gaan je helpen!

Buikknoop oftewel de FWCC

Bij het dragen hoort een bepaald jargon bestaande uit een heleboel afkortingen. Maak je geen zorgen, voor je het weet ken je ze uit je hoofd en gebruik je ze ook. Zo betekent FWCC: Front Wrap Cross Carry. Dit is een relatief gemakkelijke en fijne buikknoop om mee te beginnen.

Welke doek heb ik nodig?

Kies om te beginnen voor een doek die lang genoeg is voor de knoop. De juiste maat hangt af van je lengte en gewicht. Gemiddeld genomen kies je voor een FWCC een doekmaat 5 als je slank en klein bent, maat 6 (standaard maat voor de meeste knopen) wanneer je kledingmaat 36 tot en met 44/46 hebt. Maat 7 kies je vanaf kledingmaat 46 tot circa 50. Vanaf kledingmaat 52 wordt veelal een draagdoek in maat 8 aangeraden en vanaf kledingmaat 54-56 kom je uit op maat 9. Let op, dit zijn richtlijnen. De juiste doeklengte hangt ook af van hoe je de doek op het einde wilt afknopen. Twijfel je, probeer dan een keer een doek uit in een winkel. Sommige webshops hebben ook speciale leendoeken, zodat je kunt kijken welke maat je prettig vindt.

Tijdelijk krijg je bij een abonnement op KiiND deze heerlijke draagdoek van ByKay voor een supermooi prijsje.

Voorbereiden van de doek

Je hebt de juiste doek in je handen en je baby ligt of zit bij je in de buurt. Neem nu de doek en hou hem met het middenpunt (vaak zit er in het midden een labeltje in de doek) omhoog voor het midden van je borst (als een soort strapless hemdje). Breng de doek nu naar achter op je rug, kruis de doek daar, breng weer naar voren en sla om je schouders. Spreid nu je armen zodat de doek losjes over je schouders ligt en je als het ware engelenvleugels hebt.

Trek de doekranden (rails) aan beide kanten omhoog over je schouders zodat ze wat smaller op je schouders liggen. Let op dat de doek netjes over je schouders ligt en zorg dat hij niet draait, want dat kun je later niet meer corrigeren. Raap de doek per schouder samen van buiten naar binnen, zodat de doek volledig op elke schouder ligt als een soort rugzakband. Dat rapen doe je om eventueel draaien te voorkomen. Wil je zeker weten dat de doek niet gedraaid op je rug zit en goed verspreid?

Pak dan de buitenste rand (rails) van de doek op je linkerschouder (je kunt ook rechts beginnen) en pak met de andere hand het corresponderende stuk bij je buik. Trek de doek nu heen en weer alsof je je rug afdroogt. Met het afdrogen van je rug in gedachten is het makkelijker te visualiseren welke stukken doek je precies moet pakken. Door deze ‘handdoekentest’ haal je eventuele vouwen uit je doek en komt hij mooi glad op je rug te liggen. Het verdeelt ook het gewicht beter over je hele rug. Doe dit ook aan de andere kant en ook met de binnenste rand (rails) van de doek. Als het goed is heb je nu smalle, niet gedraaide banden op je schouders liggen en is de doek op je rug glad en goed verspreid.

De draad kwijt? Kijk mee op dit filmpje.

Een buideltje maken

Maak nu een buideltje op je buik voor je baby. Zit de doek te strak om je buik, trek hem dan bij je buik wat losser. Zit het te los, trek de doek dan om beurten aan bij je schouders. Trek je alleen aan één kant, dan kan het gebeuren dat straks met één hele lange en één (te) korte staart komt te zitten. Pak je baby op en laat haar voorzichtig in de buidel zakken, met de voetjes eerst. De voetjes steken onder uit de doek. De juiste hoogte om je kindje in de doek te dragen is als je nog een kusje op het hoofdje kunt geven.

Het hoofdje altijd op kusjeshoogte

Als een kikkertje

Trek de stof voorzichtig omhoog over de rug van je baby van de ene naar de andere kant, zodat de doek evenredig verspreid is. Trek de doek een stukje over het hoofdje en vouw weer terug als een soort mutsje. Dit stukje doek kun je straks gebruiken om met een molton of spuugdoekje een nekrolletje te maken. Zorg dat de baby met de knietjes hoger dan de heupjes zit, als een kikkertje. Stop de doek goed in onder de billen van knieholte naar knieholte. Je maakt zo als het ware een ergonomisch zitje. Zorg dat er geen vouwen in de stof zitten op de rug van je baby, want dat voelt niet fijn voor haar.

Aanspannen van de doek

Pak nu bij één schouder (hou je baby met je andere hand vast) de doek vast en trek eraan. Doe dit ook aan de andere kant. Dit is de eerste stap in goed aanspannen. En dat is belangrijk want anders zit je baby aan het einde te los in de doek en gaat ze zakken. Pak nu de binnenste rails bij je schouder en trek strak, doe dit ook met het midden en de buitenste rails. Doe hetzelfde bij de rails op je andere schouder. Breng nu de beide staarten van de doek met één hand stevig samen onder de billen van je baby. Ga vervolgens handje voor handje omhoog naar de nek van je baby zonder de spanning te verliezen.

Goed aanspannen is belangrijk

Pak nu in elke hand een staart, spreid je armen en doe de hoela of een andere wiebelende beweging met je heupen en schouders waarbij je de staarten nog verder aantrekt. Als het goed is merk je nu dat je de doek nog strakker aan kunt trekken. Trek nu beide staarten recht naar beneden richting de knieholten van de baby, zonder de spanning te verliezen en kruis de doek onder de billen van de baby.

Tijdelijk krijg je bij een abonnement op KiiND de heerlijke draagdoek van ByKay die op de foto staat voor een supermooi prijsje.

Breng de staarten naar achter onder de knieholten van de baby door en knoop de doek vast op je rug met een dubbele knoop. Heb je nog doek over? Dan kun je ook op je rug kruizen en de doek van voren knopen. Dat voelt voor jezelf wat fijner wanneer je wil gaan zitten. Heeft je baby nog wat steun nodig, rol dan een molton of spuugdoekje in het stukje stof wat je in het begin bij de nek van je baby hebt overgehouden.

Wil je een dubbele laagje doek om je baby? Dan kun je de doekranden uitspreiden over haar rug en hoofdje en weer een stukje terugslaan, zodat er een extra laagje ontstaat. Doe dit aan beide kanten. Zo is het lekker warm wanneer het buiten wat frisser is. Kom je er nu echt helemaal niet uit, boek dan een consult bij een draagconsulent bij jou in de buurt.

Hier kun je de draagdoek van de foto voor een minimaal bedrag aanschaffen.

Behoefte aan wat meer beeld erbij? Kijk dan ook deze filmpjes:

Meer lezen

De logica van het dragen

Help, mijn kindje wil niet in de draagdoek!

BewarenBewaren

0