Sylvana Teekens - buitenspelletjes ABC
Beeld: Sylvana Teekens

Het buitenspelletjes ABC

Helaas, vervelen is er niet meer bij met een heel alfabet aan inspiratie. Sommige buitenspelletjes kennen je kinderen vast al wel, maar ik denk dat je ze nog best eens kunt verrassen met een paar retro spelletjes die jij vroeger deed. Ook leuk dus om zelf te doen en te ontdekken of je het nog een beetje kunt. Print het alfabet uit en hang hem als afstreeplijst op de ijskast. Eens zien of het jullie lukt om alle spelletjes minimaal een keer te spelen.

Print het alfabet uit en hang hem als afstreeplijst op

Annemaria Koekkoek

Ik kan dit dus niet lezen zonder het ook te horen. Aa-nne-ma-ri-aaaa…. Koekkoek! Een spannend spel dat je ook met jonge kinderen kunt spelen. Het gaat als volgt. Alle deelnemers staan aan een kant van de speelplaats behalve eentje. Die staat met het gezicht naar de anderen toe. Wanneer hij zich omdraait met de rug naar de groep en Annemaria Koekkoek roept mogen de anderen zijn kant op komen lopen. Wanneer hij zich na het roepen van ‘koekkoek’ weer omdraait moet iedereen stil staan. Beweeg je wel dan ben je af en ga je terug naar de start om het opnieuw te proberen. Het spel eindigt wanneer iemand Annemaria tikt zonder gezien te worden. Deze tikker mag nu Annemaria Koekkoek roepen in de volgende ronde.

Ook fijn voor buiten: Mijn eerste buitenboek, Kubb, deze houten loopfiets, ringwerpen.  

 Buskruit

Eigenlijk is buskruit een vorm van verstoppertje maar dan met een bal. Er is één tikker en die heeft de bal. De rest mag zich verstoppen terwijl de tikker met de ogen dicht telt. Vervolgens gaat de tikker iedereen zoeken terwijl de bal achterblijft. Vindt de tikker je dan rent hij terug naar de bal en roept je naam. Maar, je voelt hem al aankomen, dat is niet alles. Wanneer een van de kinderen de bal wegschopt is iedereen weer vrij en kan zich opnieuw gaan verstoppen. De tikker mag pas weer gaan zoeken wanneer hij de bal gevonden heeft. Gelukkig mag de bal maar twee keer weggeschopt worden waarna iemand anders de tikker is.

Commando pinkelen

Een kind is de leider en heeft commando’s tot zijn beschikking: pinkelen (trommelen op de tafel), hol (hand met de rug naar onder op tafel), bol (handen andersom met een holletje) en plat (handen plat op tafel). De leider geeft het commando en de rest volgt dat op. Wordt het woord ‘commando’ weggelaten dan laat je je handen liggen in de laatste positie. Doe je dit niet dan ben je af. Kinderen kunnen zelf nieuwe commando’s toevoegen of het spel zonder tafel spelen met commando’s als liggen, springen, draaien, klappen enzovoorts.

 Dierentikkertje

Tikkertje maar dan met dieren. Wil de tikker jou tikken dan roep je snel een dierennaam en kun je weer wegrennen. Heeft de tikker je getikt voordat er een naam te binnen schiet dan ben jij de tikker.

 Elastieken

Elastieken, erin, eruit, erin, erop

O nostalgie! Ken je dit nog? Ik heb vroeger werkelijk eindeloos ge-elastiekt (is dat een woord?). Juliette laat je zien hoe het ook alweer gaat. Leuk om opnieuw te introduceren bij je kinderen. Google ook eens op ‘Chinese jump rope’ voor nieuwe moves.

Fopbal

Alle deelnemers staan in een kring met de handen op de rug. Eén kind staat in het midden, heeft de bal en gooit deze steeds naar iemand toe. De bedoeling is dat je de bal vangt en teruggooit. Maar… en nu komt het. Degene met de bal kan ook foppen door net te doen alsof hij de bal gooit. Haal je je handen van je terug terwijl er geen bal aankomt dan ben je af. Laat je de bal vallen dan ook. Wie het langst overblijft mag in de volgende ronde in het midden gaan staan.

Golfen

Zoek een paar mooie takken en regel een kleine bal. Maak een eindje verderop een gaatje in de grond en kijk wie de bal erin krijgt. Je kunt het steeds moeilijker maken door obstakels op te werpen of heuveltjes te maken. Leuk voor op een open plek in het bos, want daar is materiaal genoeg. Je hoeft alleen een balletje mee te nemen.

Hinkelen

Neem een stuk krijt en teken een hinkelspel uit. Bedenk samen de spelregels en kijk hoever je komt. Omdat je het zo moeilijk en makkelijk kan maken als je wil is het voor alle leeftijden leuk.

Iemand is hem niemand is hem

Alle kinderen gaan verspreid staan waarna je een bal in de groep gooit. Wie de bal pakt mag een ander af gooien. Ben je af dan ga je opzij staan. Zijn er drie kinderen af dan mag de eerste weer in het spel.

 Jongleren

Een behendigheidsspel wat je alleen en met elkaar kunt doen. Jongleren kun je met van alles en je kunt het zelf steeds moeilijker maken.

Kaatsenballen

O nostalgie! Ken je dit nog?

Ook wel muurbal of simpelweg ballen genoemd. Wij deden dit vroeger met een tennisbal want die stuitert het beste. Je kunt zelf de regels verzinnen maar globaal gaat het zo: Gooi de bal tegen de muur en vang hem weer op. Dit doe je vijf keer. Gooi de bal nu tegen de muur, laat hem stuiteren en vang hem op. Dit doe je vier keer. Gooi de bal daarna tegen de muur, draai je om en vang hem weer op. Dat gaat dan drie keer. Gooi de bal tegen de muur, klap in je handen en vang hem op. En jawel dat doe je maar liefst twee keer. Gooi de bal onder één been door tegen de muur en vang hem op. Dit doe je dan één keer. De bedoeling is dat je al deze varianten achter elkaar foutloos doet. Gaat het mis dan begin je opnieuw. Heb je dit allemaal onder de knie dan verzin je zelf uitbreidingen om het wat moeilijker te maken.

Klossen lopen

Een extraatje met de K, omdat we er zo’n mooie foto bij hadden (zie coverbeeld). Geen spel-uitleg nodig toch? In onze lente-editie vind je een knettermooie tutorial om zelf klossen te maken.

Lummelen

Dit speel je doorgaans met z’n drietjes. Twee kinderen staan tegenover elkaar en de derde staat er tussenin. De twee kinderen gooien een bal naar elkaar over en het kind in het midden probeert te bal te pakken te krijgen. Lukt dit dan is degene die de bal gooide nu de lummel.

Moeder, moeder hoe laat is het?

Een van de kinderen (de moeder) staat met de rug naar de andere kinderen toe op ongeveer acht meter afstand. De kinderen vragen: ‘Moeder, moeder hoe laat is het?’ De moeder zegt dan bijvoorbeeld: ‘drie uur’. De kinderen mogen dan drie stappen naar voren doen. Dit gaat net zolang door tot de moeder denkt dat de kinderen vlakbij zijn. Vragen de kinderen vervolgens hoe laat het is dan roept de moeder ‘etenstijd!’, draait zich om en probeert zoveel mogelijk kinderen te tikken voordat ze terug gerend zijn naar de start.

Nachtwacht

Hoewel de naam anders doet vermoeden kan dit spel ook overdag gespeeld worden. Je begint met het kiezen van een nachtwacht. Deze gaat vervolgens wat verderop staan zodat hij niet ziet wat er gebeurt. De rest van de kinderen krijgen een nummer tussen de één en de twaalf en gaan zich verstoppen. Zodra iedereen verstopt is komt de nachtwacht terug. Vervolgens roept de nachtwacht: “Ik ben de nachtwacht en de klok slaat…”. De nachtwacht roept luid een getal en voor een dramatisch effect kan hij ook nog ergens op slaan op het aantal slagen van de klok. Het kind dat het getal heeft wat geroepen en/of geslagen is maakt een dierengeluid. De nachtwacht gaat dan naar hem op zoek. Is het kind gevonden dan gaat de nachtwacht verder met het volgende getal. Het spel is afgelopen wanneer iedereen gevonden is. Natuurlijk extra tof om met grotere kinderen wel in het donker te doen.

 Omgooien

Vroeger speelden we dit spel op school zowel buiten als binnen. Het begon zo. Een van de kinderen gooit een bal omhoog met de woorden: “Ik verklaar de oorlog aan …”. En noemt de naam van een van de kinderen. Zelf kies ik liever niet voor het woord oorlog, maar dat is aan jou. Je kunt ook zeggen: “Ik ga de strijd aan met …” of “Ik geef de beurt aan …”. Het kind van wie de naam wordt genoemd moet zo snel mogelijk de bal pakken. Alle anderen rennen hard weg. Zodra degene die genoemd werd de bal heeft roept hij “Stop!” Iedereen staat nu stil. Degene met de bal mag nu drie stappen in een willekeurige richting doen en dan proberen de bal tegen iemand te gooien. Niet te hard natuurlijk. Lukt dit dan is dat kind nu aan de beurt. Lukt het niet dan mag je nog een keer.

Paaltjesvoetbal

Behoeft niet zoveel uitleg toch? Bij gebrek aan paaltjes kun je lege flessen vullen met water. Dat is nog fijner in de zomer.

Ook fijn voor buiten: Mijn eerste buitenboek, Kubb, deze houten loopfiets, ringwerpen.  

Qnikkeren

Ik wist niets met de q dus even een aangepast woord. Ken jij wel een fantastisch buitenspel met de q dan hoor ik het graag! Knikkeren zie ik tegenwoordig weer vaker gespeeld worden. De regels kunnen kinderen met elkaar afspreken en ook of het met ‘houwens is’. Dat laatste is erg belangrijk om duidelijk te hebben, want dat voorkomt teleurstellingen. Graaf een gaatje in de tuin of koop een knikkerpotje in de speelgoedwinkel. Heb je echte fanatiekelingen thuis dan is een tegel met knikkerpotje misschien wel leuk.

Rolschaatsen

Typisch zo’n buitenactiviteit die je samen of alleen kunt doen. Goed voor de balans en je bent volop in beweging. Je kunt kijken wie het snelst is, sierlijk kunstrolschaatsen of obstakels maken van planken en daaroverheen schaatsen.

Steltlopen

Mijn opa maakte ooit de allermooiste stelten voor me. En het was even oefenen maar al snel had ik het onder de knie en paradeerde door de buurt. Natuurlijk wilden alle kinderen het ook proberen en bedachten we steeds moeilijker dingen. Zoals op een heuveltje omhoog, over obstakels stappen en achteruit lopen. Heb je kleinere kinderen dan zijn klossen fijn.

 Touwtje springen

Met z’n tweetjes, drietjes of viertjes. Touwtje springen kun je met heel veel kinderen samen doen. Twee kinderen draaien de touwen en om de beurt springen de anderen in. Er kunnen ook meerdere kinderen tegelijk springen. Om het nog moeilijker te maken kun je kiezen voor twee touwen. Dat noemen ze dan Double Dutch en er zijn zelf kampioenschappen van kijk maar. Leuke uitdaging deze zomer?

Ukulele

Niet echt een spel maar wel heel fijn om buiten te doen in je hangmat. Ben je er goed in dan kun je er een raadspelletje van maken voor de kinderen. Jij speelt een liedje en zij raden welke het is. Of laat de kinderen bewegen op de muziek die je maakt. Snelle muziek is rennen, langzame muziek is sluipen, hoge tonen zijn springen en lage tonen zijn kruipen. Wil je ukulele leren spelen? Het fijne boek ‘Uked’ helpt je erbij.

Verstoppertje

Hoewel dit spel enorm voor de hand ligt hoort hij er wel bij vind ik. Want wie speelde het nu niet? De perfecte manier om de beste plekjes in je buurt te ontdekken. En je kunt het overal spelen.

Waterballon gooien

Lekker voor in de zomer, maar misschien niet zo milieuvriendelijk. Er is gelukkig een alternatief. Maak watersponzen en laat ze elkaar daarmee natgooien. Je kunt hiervoor natuurlijk de sponzen uit je keukenkastje pakken of je maakt zelf deze toffe gekleurde sponzen. Aan het einde van de dag even uitspoelen en klaar ben je.

Xie xie wat jij niet ziet…

Moe van al dat rennen en verstoppen. Ga samen liggen in het gras en speel dit befaamde binnenspelletje lekker buiten. Nu niet allemaal de kleur groen kiezen natuurlijk!

Yagerbal

Eigenlijk is dit tikkertje maar dan met een bal. In het begin heeft één kind de bal en probeert de andere kinderen af te gooien met de bal. Wie geraakt is, is dan ook tikker. Maar wanneer er twee tikkers zijn mogen ze niet meer rondlopen zodra ze de bal hebben. Ze moeten dus een beetje strategisch gaan staan voordat ze de bal oppakken. Het spel eindigt zodra iedereen getikt is.

 Zaklopen

Hilarisch spel om met een groepje kinderen te doen. Het enige wat je nodig hebt zijn jute zakken of oude kussenslopen. Klaar voor de start? Af!

Nog niet genoeg gekregen van buitenspelletjes? Kijk dan dit heerlijke filmpje uit 1940.

Meer lezen?

Spelletjes van vroeger in een gescholden jassie

7 tips voor vrij spelen

Rustgevende zintuigelijke spelletjes

Beeld: Sylvana Teekens, die ook de klossen ambachtelijk en helemaal zelluf zelf heeft gemaakt. De tutorial hiervan vind je in de lente-editie Wortels.