In de premotorische en de pariëtale cortex vinden we een klein circuit aan hersencellen, hele bijzondere cellen. Ze worden geactiveerd wanneer we zelf een bepaalde handeling uitvoeren, maar ook wanneer iemand anders dezelfde handeling uitvoert. Er is bij deze cellen geen verschil tussen het zien of doen van een handeling. Dit zijn de spiegelneuronen en ze zijn een belangrijk element in onze sociale cognitie.

Ook interessant: Wat doen we met de baby?

Hoe helpen spiegelneuronen bij inleving in de ander?

Wanneer je met iemand communiceert gebruik je je lichaam om je intenties en gevoelens over te brengen. Je houding en gezichtsexpressie geven sociale signalen af aan de ander. Spiegelneuronen zijn de enige hersencellen die we kennen die gespecialiseerd zijn in het decoderen van de non verbale communicatie van de ander en van onszelf. Essentieel voor sociale interactie. Zonder deze cellen zouden we de handelingen, de intenties en de emotie van anderen niet begrijpen. (Ramachandran, 2012)

Spiegelneuronen vormen innerlijke beelden van acties van de ander. En zo kunnen wij deze gesimuleerde beelden zelf ook voelen en interpreteren.

Spiegelneuronen in actie

Misschien doe jij het ook wel. Ik in ieder geval wel. Zoals wanneer je een lepel naar het mondje van je baby brengt, gaat je eigen mond ook open. Heel erg grappig volgens de omstanders.

Wanneer je een lepel naar het mondje van je baby brengt, gaat je eigen mond ook open

Wanneer jij je baby ziet glimlachen, activeert dat jouw spiegelneuronen, horend bij glimlachen. Met het gevolg dat er een hele keten aan neurale activiteit ontstaat. Die leidt ertoe dat we zelf het gevoel krijgen dat hoort bij onze eigen glimlach. Een hele snelle manier om zelf te ervaren wat je baby voelt.

Ons voorstellingsvermogen is wonderlijk knap, we kunnen iets als echt ervaren, zelfs al stellen we het ons alleen maar voor, of zien we het bij de ander. Volgens mij kent elke moeder het gevoel dat je krijgt wanneer je je bedenkt dat je kind valt, of wanneer je daadwerkelijk dat schaafplekje op zijn knie ziet.

Spiegelneuronen helpen bij empathie

Spiegelneuronen stellen jou mede in staat om je baby te kunnen zien als een wezentje dat behoeften heeft, en doordat jij voelt wat je baby nodig heeft, helpt het je op deze behoeften in te spelen. Spiegelneuronen helpen ons met het kunnen voorstellen wat de ander ervaart. Heel handig ook wanneer je je probeert te verplaatsen in de ander. Wanneer je emoties van jezelf en de ander kan herkennen en verwoorden. Meevoelen met de ander: empathie. Empathie groeit niet alleen door spiegelneuronen. Het is een combinatie van het kunnen vormen van beelden, het kunnen ervaren van wat de ander mogelijk doet en voelt en het goed observeren en nadoen van de ander.

Wat moet je baby kunnen om empathie te beoefenen?

Het heeft 3 ingrediënten:

  • Je baby moet in staat zijn om een verandering in het gedrag en/of gevoel van de ander weten op te merken.
  • Wanneer je baby de verandering in emotie bij de ander heeft opgemerkt, verplaatst hij wat hij ziet naar zijn eigen interne beleving. Hij probeert de waargenomen gevoelens van de ander zelf te ervaren.
  • Je baby beseft zich dat de waargenomen gevoelens bij de ander horen en dat ze niet van hemzelf zijn. Hij begrijpt dat er een grens is tussen hemzelf en de ander.

Je begrijpt na het lezen van deze punten vast meteen dat dit behoorlijk complexe vaardigheden zijn die je kleine baby, hoe knap hij ook is, niet meteen kan beheersen. Hij heeft tijd en oefening nodig om ze helemaal eigen te maken.

De sleutel: imitatie

En een belangrijk onderdeel van deze ontwikkeling ben jij. Goed voorbeeld doet volgen. Imiteren is een belangrijke manier van leren. Lachen, zwaaien, dankjewel zeggen, je baby leert het door goed naar jou te kijken. Baby’s zijn in hun ontwikkeling sterk afhankelijk van de ander om zich te bekwamen in nieuwe vaardigheden. Je kleine uk leert verbindingen te leggen tussen het gedrag van anderen en dat van zijn eigen kleine persoontje.

Goed voorbeeld doet volgen

In 1979 stak psycholoog Andy Meltzoff, van de University of Washington, zijn tong uit tegen een klein uur oude baby en ging toen achterover zitten om te zien wat er gebeurde. Na een paar pogingen herhaalde baby zijn handeling door langzaam zijn eigen tong uit te steken. Meltzoff stak zijn tong nog een keer uit. De zuigeling deed hetzelfde. Meltzoff ontdekte dat baby’s vanaf het allereerste begin van hun leventjes kunnen imiteren.

Kinderen zijn zelfs erg goed in imitatie. Imitatie is een verbazingwekkende vaardigheid dat zich snel ontwikkelt. Een kind van 13 maanden kan zich een week na een gebeurtenis het zich nog herinneren. Tegen de tijd dat het bijna 1,5 is, kan het een gebeurtenis 4 maanden nadat deze heeft plaatsgevonden nadoen. (Meltzoff, 1988) Ongelofelijk hè!

Maar dat heeft natuurlijk wel een enorme implicatie. Goed voorbeeld doet volgen, maar slecht helaas ook! Wees je daarom goed bewust van wat je kleine allemaal hoort en ziet en weet dat hij het nauwkeurig opslaat in z’n kleine koppie. Hij weet namelijk maar nooit wanneer het hem nog eens van pas kan komen…

Meer hierover kun je lezen in ons boek in wording: Wat baby’s nodig hebben. Verwacht in april 2019.

Je kind heeft huidcontact nodig, ook met de fles

Laat het kraambezoek maar wachten (7 tips voor een beschermde kraamtijd)

0