thuis bevallen
Beeld: Lotte Dirks

Hoe veilig is thuis bevallen?

Thuis bevallen wordt steeds zeldzamer. Waar in de jaren vijftig van de vorige eeuw verreweg de meeste vrouwen in hun eigen slaapkamer bevielen, geldt dat nu nog maar voor ruim 1 op de 10 vrouwen. Professionals delen hun visie op deze ontwikkeling. Hun belangrijkste advies? Neem het heft in eigen handen, laat je goed informeren en heb vertrouwen in je eigen kracht. Thuis én in het ziekenhuis!

Neem het heft in eigen handen

Wat is ‘veilig’ eigenlijk?

De vraag waar je het veiligst kunt bevallen zorgt voor nogal wat hoofdbrekers. Want is het gevaarlijk om thuis te bevallen en ben je beter af in het ziekenhuis? Of is het ziekenhuis juist de plek waar je meer kans hebt op ingrepen die jou en je baby in gevaar kunnen brengen? Volgens verloskundige Tanja Smeets is veiligheid een complex en subjectief begrip, wat het moeilijk maakt om op deze vragen objectieve antwoorden te formuleren. ‘Is de definitie van veilig de grootste kans op een levende baby of de kleinste kans op complicaties bij de baby? Of gaat het om de kleinste kans op fysieke complicaties bij de moeder of juist de kleinste kans op psychische complicaties bij de moeder?

Veiligheid is een subjectief begrip

Op dit moment wordt de vermeende gezondheid van de baby als beslispunt genomen: veiligheid wordt gezien als het leven van de baby. Hoe meer levende baby’s een handeling doen of laten veroorzaakt, hoe veiliger. De moeder wordt daarin vrijwel geheel buiten beschouwing gelaten en het uiteindelijke gevolg hiervan op de baby dus ook. Voor sommige vrouwen is veiligheid per definitie niet in het ziekenhuis te vinden, terwijl andere vrouwen zich veilig voelen op de plek waar de zorgverlener zegt waar ze moet zijn.’

Waarom wordt thuis bevallen zeldzamer?

Verloskundige Tanja Smeets: ‘Dat het aantal thuisbevallingen afneemt, heeft er onder andere mee te maken dat de relatief hoge sterftecijfers van baby’s ten opzichte van landen om ons heen een paar jaar gelden in het nieuws kwam. Door de angst voor babysterfte gingen verloskundigen sneller doorverwijzen naar het ziekenhuis en stuurden ze vaker aan op een poliklinische bevalling. Of deze babysterfte echt hoger was, valt zeer te betwijfelen doordat we vergeleken werden met landen die andere cijfers hanteren dan wij. Zo wordt in Nederland een baby die vroeger dan 24 weken zwangerschap geboren wordt niet actief in leven gehouden, terwijl dat in sommige andere landen wel gebeurt. Dit vertekent de cijfers en maakt vergelijken lastig.

De babysterftecijfers geven een vertekend beeld

Daarnaast kwamen er de laatste jaren steeds meer grote verloskundigenpraktijken. Het directe contact en het kijken naar de behoeften van de zwangere vrouw kwam zo in het geding. De algemene tendens is dat we als mens steeds meer geneigd zijn om de verantwoordelijkheid bij iemand anders neer te leggen. Als verloskundige vind ik het belangrijk dat vrouwen teruggaan naar zichzelf, zelf verantwoordelijkheid nemen en vertrouwen hebben in hun eigen kracht. Zwangere vrouwen moeten niet alleen worden geïnformeerd over de voordelen van de protocollen, maar ook over de nadelen. Daarnaast is het ook de verantwoordelijkheid van de vrouw zelf om informatie te verzamelen, veel te lezen en te praten met zorgverleners. Of je nou kiest voor een thuisbevalling of een bevalling in het ziekenhuis, het is belangrijk dat vrouwen hun eigen keuzes maken.

We moeten vrouwen informeren over de voordelen én nadelen van protocollen

De cijfers

In 1953 vond 78% van de bevallingen thuis plaats, in 2007 was dat gezakt tot 21,5 % en nu is het nog maar 13%. De toename van het aantal ziekenhuisbevallingen gaat gepaard met een groei in het aantal medische ingrepen. Bij 41,3% van de geboren kinderen is de bevalling ingeleid, 17,6% van de vrouwen die vaginaal willen bevallen krijgt een ruggenprik en ruim 13% van de bevallingen gebeurt met een vacuüm- of tangverlossing. In 1990 kregen 5% van de vrouwen een keizersnede, inmiddels is dat al meer dan 16%.

Gynaecoloog aan het woord

Thuis bevallen is wel zo fijn, maar is het ook veilig? Volgens onderzoeker en gynaecoloog in opleiding Melanie Wiegerinck laten de huidige Nederlandse onderzoeken geen verschil in veiligheid zien tussen een voorgenomen thuisbevalling en een poliklinische bevalling, waarbij je met je eigen verloskundige in het ziekenhuis bevalt. De zwangere vrouw mag zelf kiezen waar zij wil bevallen. In sommige gevallen wordt daarbij op basis van landelijke richtlijnen een advies afgegeven door de zorgverlener. Melanie: ‘Te midden van alle discussies over het al dan niet thuis bevallen pleit ik voor eerlijke en uitgebreide informatie. Ik vind het belangrijk dat vrouwen op de hoogte zijn van het risico op overdracht van zorg tijdens de bevalling.

Nederlandse onderzoeken laten geen verschil in veiligheid zien tussen een voorgenomen thuisbevalling en een poliklinische bevalling

Uit onderzoek blijkt dat bij een eerste bevalling ruim de helft van de bevallingen die thuis begint alsnog eindigt in het ziekenhuis onder verantwoordelijkheid van een gynaecoloog. De redenen daarvoor kunnen een pijnstillingsverzoek zijn, maar ook het niet vorderen van de ontsluiting, de conditie van het kindje of een enkele keer veel bloedverlies na de bevalling. Het is daarom goed om na te gaan of je makkelijk uit je woning kunt komen en of je snel in het ziekenhuis kunt zijn.

Maak je wensen kenbaar met een bevalplan, dat wordt door de meeste gynaecologen enorm gewaardeerd. Voor ons is het prettig om vooraf de verwachtingen door te spreken en daar rekening mee te houden. In sommige ziekenhuizen is het zelfs mogelijk om onder verantwoordelijkheid van de gynaecoloog in bad te bevallen. Veiligheid staat in het ziekenhuis voorop, maar de wensen van de bevallende vrouw zijn net zo belangrijk.’

Regie houden

Nederlands bekendste verloskundige, Beatrijs Smulders, is een warm voorstander van de thuisbevalling. Volgens haar stroomt oxytocine – het hormoon dat een belangrijke rol speelt tijdens de bevalling – thuis nou eenmaal makkelijker dan in het ziekenhuis. ‘Van je eigen omgeving gaat een grote veiligheid en kracht uit,’ stelt ze. ‘Ik heb gemerkt dat eerstelijns professionals, onder wie verloskundigen en huisartsen, thuis zorgvuldiger, zelfverzekerder en autonomer werken dan doorgaans wanneer zij in een anoniem ziekenhuis zijn.

Door de invloed van depersonalisatie binnen de omgeving van grote verloskundige afdelingen raken vrouwen sneller geïmponeerd en geven daarom gemakkelijk de controle uit handen. Dit geldt ook voor de mensen die er werken. Ze moeten hun werk doen in een routine-achtige, hiërarchische structuur. Vol vaste regels en protocollen, binnen een instituut dat gericht is op controle, ziekte en medisch ingrijpen.

In de thuisomgeving zijn zowel de vrouw als de verloskundige meer soeverein en eigenmachtig. De verloskundige is een medische professional en tegelijkertijd een coach en partner-in-crime om de vrouw in kwestie te bekrachtigen met als prioriteit een gezond kind. Essentie daarbij is dat vrouwen tijdens een bevalling iets beleven waarbij ze de verantwoordelijk nemen voor hun lichaam. Als dát je instelling is, kan je bevalling niet meer stuk. Dan kan zelfs een kunstverlossing, inclusief vervoer naar het ziekenhuis, ja zelfs een keizersnede, een kroon zijn op je werk.’

Verticaal bevallen

Tot voor kort was bevallen vanzelfsprekend iets dat je verticaal deed. Hangend aan een boom, steunend op een van de aanwezige vrouwen, gehurkt of in het water. Liggend op je rug bevallen is een uitvinding van artsen, die dankzij deze houding beter zicht hadden op de voortgang van de bevalling.

Met je lichaam rechtop trekt de zwaartekracht je kind bij elke wee naar beneden richting de uitgang

Wendy Schouten schrijft hierover: ‘Met je lichaam rechtop trekt de zwaartekracht je kind bij elke wee naar beneden richting de uitgang. Als je ligt, trekt de zwaartekracht je kind richting je rug waardoor je kind op zijn plaats gevangen blijft. Bovendien maakt de uitgang van het baringskanaal in liggende houding een kromming naar boven. Daardoor moet je zelfs tegen de zwaartekracht in omhoog persen. Als je vrij kunt bewegen en ademen, is de bloedsomloop en zuurstofvoorziening voor moeder en kind ideaal. Als je ligt, drukt het gewicht van je grote zwangere baarmoeder op de grote onderste holle ader die naar je hart loopt. Dat bemoeilijkt de bloedsomloop en zuurstofvoorziening voor jou en je kind. Als je hurkt of knielt en iets voorover buigt, komen je heiligbeen en staartbeen iets omhoog, wat de uitgang van je bekken wijder maakt. Als je achterover buigt of op je rug ligt, wordt de uitgang nauwer, tot wel 30%.’

Medicalisering

Eerstelijns hoogleraar verloskunde Simone Buitendijk over de medicalisering omtrent bevalling: ‘De veronderstelling dat eigenlijk nooit genoeg vrouwen naar de gynaecoloog verwezen kunnen worden – onder het motto “baat het niet, dan schaadt het niet” – is pertinent onjuist. Recent onderzoek wijst uit dat de fysieke nabijheid van een gynaecoloog de kans op doorverwijzen en medische ingrepen vergroot. Zulke ingrepen kunnen schadelijke neveneffecten hebben voor moeder en kind.’

Neem het heft in eigen handen

Maaike Langedijk geeft de training HypnoBirthing en traint vrouwen samen met hun partner om ontspannen te kunnen bevallen. Volgens haar zijn zowel kennis over het geboorteproces, ontspanning als ook het voeren van de regie over je eigen bevalling de optimale voorwaarden om op een zo goed mogelijke manier een bevalling in te gaan. Maaike: ‘Veel vrouwen denken dat de verloskundige of de gynaecoloog het allemaal wel weet, maar ik spoor vrouwen en mannen aan om nieuwsgierig te worden, te onderzoeken hoe zij de bevalling zelf willen ervaren, voorkeuren vast te leggen op papier, samen te werken met verloskundigen en gynaecologen en zelf bewust te blijven van haar eigen kennis, kracht en intuïtie.

Bij de start van de weeën komt lichaamseigen pijnstilling vrij: endorfine

Zo helpt het bijvoorbeeld om te weten dat tijdens de start van de weeën lichaamseigen pijnstilling (endorfine) vrijkomt. Je lichaam kan daardoor de pijn van een bevalling goed dragen. Hoe meer ontspannen je bent, des te meer endorfine er vrijkomt. De andere kant is helaas ook waar: als er meer adrenaline in je systeem komt, kun je moeilijker ontspannen en kom je al snel in een vicieuze cirkel van angst, spanning en pijn. Kennis over fasen van de geboorte en processen binnen een zorginstelling zorgen ervoor dat je goed kunt samenwerken en keuzes kunt maken. Hierdoor voel je je wijs, krachtig en energiek.’

Dit artikel is een bewerking uit het THUIS-nummer op papier. Benieuwd naar meer? Klik hierrr.

Verder lezen

Bevallen op eigen kracht – Wendy Schouten

Vrije Geboorte – Anna Myrte Korteweg

Ina May’s Guide to Childbirth – Ina May Gaskin (Engelstalig)

www.geboorteverhalen.mooiebevallingen.nl

Natuurlijk bevallen: Wat je er zelf over te zeggen hebt

Zwangerschapshaptonomie: meer dan voorbereiding op de bevalling

Nieuwe baby? ‘Let your monkey do it!’

Beeld: Lotte Dirks