Beeld: Cathelijne van den Bercken

Over Liedloff: Op zoek naar het verloren geluk

Veel ouders die Jean Liedloffs boek “Op zoek naar het verloren geluk” hebben gelezen, voelen hun hart sneller gaan kloppen. Zó wil ik mijn kinderen ook gaan opvoeden, nemen we ons zelf voor. Kan het, in onze cultuur opvoeden zoals ze dat in de jungle doen? En wat is er voor nodig?

Opvoeden in de jungle

Jean Liedloff is antropologe en deed onderzoek naar een primitieve stam in de jungle van Venezuela, die opvallend harmonieus samenleeft. Ze was zó door hun gedrag geïntrigeerd dat ze jaren lang met deze stam heeft samen gewoond. Liedloff kwam erachter dat een van de belangrijkste reden waarom Yeguana-Indianen zo harmonieus met elkaar leven te danken is aan hun manier van opvoeden. Haar belangrijkste bevindingen beschreef ze in het boek ‘Op zoek naar het verloren geluk’. Ze trekt daarin de conclusie dat de manier van opvoeden van de Yeguana in harmonie is met wat zij ‘het continuümconcept’ noemt.

Het continuümconcept in een notendop

Vier elementen die de Yeguana toepassen en wij in onze cultuur lijken te zijn vergeten komen bij Liedloff naar voren. Ze sluiten volgens haar aan bij de evolutie van de mens, die ervoor heeft gezorgd dat kinderen met een bepaald ‘weten’ ter wereld komen. Er is vanaf de geboorte een doorgaande lijn, een continuüm. Als je die doorgaande lijn weet voort te zetten, draag je daarmee bij aan gezonde, gelukkige kinderen en een gezonde en gelukkige samenleving.

1. Nabijheid

Kinderen van de Yeguana worden constant gedragen door hun ouders en andere familieleden, in de doek of op de arm, totdat ze zelf aangeven er klaar mee te zijn. Ze slapen met hun ouders in dezelfde ruimte. Zo is er voortdurend vertrouwenwekkende nabijheid, en wordt er direct op hun andere primaire behoeften (eten, verschoning, troost) gereageerd.

2. Niet overbeschermen

Yeguana-kinderen krijgen nooit te horen: pas op!, mag niet!, kijk uit! of iets in die trant. Zelfs niet bij een gevaarlijk ravijn. De Yeguanas weten namelijk heel goed dat hun kinderen zich al vanaf dag één bewust zijn van de gevaren van hoogtes, vuur en water. Als Westerse ouder zijn we dit ‘’weten’’ volledig kwijt geraakt en kan het een enorme uitdaging zijn om onze kleintjes niet lastig te vallen met onze eigen angsten. Wij, Westerse ouders, zijn over het algemeen overbeschermend naar onze kleintjes, daar waar een kind eigenlijk zelf heel goed weet hoe te handelen. En ja, het gaat daar altijd goed daar in de jungle. Sterker nog, zegt Liedloff, de kans op een ongeluk wordt kleiner als het kind meer vertrouwen krijgt van zijn ouders en omgeving.

3. Gelijkwaardige behandeling

Verder wordt er (natuurlijk) borstgevoed op verzoek en naar andere behoeftes van het kind geluisterd zonder daar teveel ophef over te maken. Kinderen worden niet als prins of prinsesje behandeld, maar meer als gelijkwaardig stamgenoot. Belonen, straffen, verwachtingen en oordelen kennen de Yeguana dan ook niet. Bovendien helpen de kinderen actief in het huishouden. Dit is geen vermomde kinderarbeid, maar het bieden van een platform voor je leergierige kind, om te oefenen met jouw volwassen bezigheden.

4. Niet kindgericht

De harmonieuze junglebewoners van de Yeguanastam zijn niet kind-gericht. Het kind is erbij in de doek of op de arm als de dagelijkse dingen gebeuren, maar niet in het middelpunt van de belangstelling.

Het continuüm in onze cultuur

De jungle van de Yeguana lijkt mijlenver van onze Westerse samenleving verwijderd. Maar heb je wel eens gezien hoe gretig een dreumes de vaatwasser uit kan ruimen? En gemerkt dat je peuter mee wil helpen met het snijden van een wortel of het bakken van een ei? Als je kinderen al vanaf jongs af aan mee laat helpen worden ze heel behendig en wordt de kans op ongelukken kleiner. Ze krijgen hierdoor veel vertrouwen in hun zelf en durven meer verantwoordelijk te nemen voor hun eigen gedrag. Ok, levensgevaarlijke dingen laat je je kind niet doen natuurlijk.

Dat dragen en samen slapen veel voordelen heeft begint ook in onze cultuur door te dringen. Waarbij het ons overigens niet alleen om de nabijheid gaat, maar ook om de praktische kanten ervan.

Het is waar, wij leven niet in een jungle waar we onze kinderen niet hoeven waarschuwen voor auto’s of ander onnatuurlijk gevaar. Maar in de praktijk is te zien dat ‘continuümkinderen’ al heel jong omgaan met hoogte, vuur en water. Het is dus datgene wat het kind al weet en in zich heeft, een soort potentieel, een oer-weten, dat door de juiste behandeling van je kinderen kan uitgroeien.


Als je kinderen al vanaf jongs af aan mee laat helpen worden ze heel behendig

Proberen niet kindgericht te zijn, betekent uiteraard geen verwaarlozing, maar meer zoiets als: mama/papa is wel aanwezig, maar ze is geen helikopter die door huis en tuin vliegt om je te volgen en op te letten en je te corrigeren. Een onbreekbaar huis creëren is daarom wel zo makkelijk: alles wat je liever voorlopig nog niet gebroken ziet worden door onderzoekende handjes, kan beter veilig opgeborgen worden. Laat ze maar zoveel als mogelijk lekker onderzoeken, ontdekken en creatief hun gang gaan. En doe zelf in hun nabijheid hetzelfde.

Liedloff wereldvreemd?

Het continuümconcept van Liedloff is een van de meest invloedrijke opvoedstromingen van de 20ste eeuw, (naast bijvoorbeeld het (best wel erge) gedachtegoed van Truby ‘knuffel niet’ King en Dr ‘Rust Reinheid Regelmaat’ Spock ). Het vergt wellicht hier en daar een aanpassing en wat creativiteit, maar onze kinderen plukken er de vruchten van. Kinderen die op deze manier opgroeien kunnen over het algemeen erg goed met hun emoties omgaan, naar hun eigen behoeftes en verlangens luisteren, ze zijn veilig gehecht, vroeg zelfstandig en ze bezitten veel zelfvertrouwen en eigenwaarde. Kinderen die dichter bij zichzelf en hun natuur staan dus, daar doen we het voor.

Beer op de weg

Er staat wel een grote beer midden op het kronkelige modderpad op weg naar deze harmonieuze jungle: Wij zijn de Yeguana niet. Er wordt regelmatig over het hoofd gezien dat deze blije stam met elkaar in een huttendorp leeft, met de nadruk op ‘mét elkaar.’ En dus niet zoals wij over het algemeen: als gezin in een apart huisje ver weg van familie en andere- al dan niet- geliefde medegenoten. Misschien hebben we hele fijne buren, maar als het gaat om gezamenlijk huishoudelijk klusjes doen, oppasuitwisseling en het aangaan van sociale verplichtingen staan we vaak geïsoleerd van onze medemens.


Wij willen onze kinderen niet alleen met ons gezin laten opgroeien

Het Westerse gezin heeft bovendien een behoorlijke takenpakket waar het aan moet voldoen: brood verdienen, én huishouden, én kinderen, én sociale verplichtingen, én sporten, én.… Het is ergens een wonder dat dit (meestal) goed gaat, al rijst het aantal burn-outs en andere gevolgen van stress tegenwoordig wel de pan uit. Onze individualistische samenleving wordt hiervan wel vaker als een belangrijke oorzaak genoemd.

In de jungle van de Yeguana wordt ook hard gewerkt, maar doordat iedereen een eigen rol heeft en er veel samengewerkt wordt is er uiteindelijk meer ruimte voor om het continuüm in de kinderen tot zijn recht te laten komen. Hoe vorm je in onze wereld nou zo’n stam?

Woud van mogelijkheden

Om het continuüm in onze kinderen zo veel mogelijk intact te houden ben ik met mijn gezin op zoek gegaan naar een manier om meer te leven in gemeenschap. In creëer je eigen stam en wapperende rompers in een ecogemeenschap beschreef ik deze zoektocht. Ons gevoel wordt elke keer weer bevestigd: wij willen onze kinderen niet alleen met ons gezin op laten groeien, maar ook met andere mensen in onze directe omgeving.

Met alle enthousiaste reacties op mijn vorige artikelen kunnen we al zo een heel dorp opzetten. Deze zomer gaan we dan ook beginnen met het verzamelen van nuchtere continuüm-aanhangers op een plek midden in het land. We willen een gebalanceerde plek creëren waar we meer in verbinding met elkaar en onze natuur kunnen leven. En het allerbelangrijkste: waar onze kinderen kunnen opgroeien in vrijheid, gestimuleerd worden in wie ze zijn (en niet wie ze ‘horen’ te zijn), in verbinding met de natuur en begeleid door de hele gemeenschap.

Om te lezen: Jean Liedloff: Op zoek naar het verloren geluk