Het komt steeds weer terug in de media: ‘Ouders van tegenwoordig’ zouden steeds vaker met de handen in het haar zitten, omdat ze niet meer weten hoe ze moeten opvoeden. Dit komt volgens de deskundigen en broodschrijvers omdat kinderen zich niet meer hoeven te verantwoorden. We willen vrienden met ze zijn en bereiden ze niet voor op het echte leven. Ze zullen daarom uitgroeien tot een generatie depressieve, opgebrande narcisten. En dat terwijl onze jonge kinderen bekend staan als de gelukkigste ter wereld. Ergens gaat het dus mis, maar waar dan?

Steevast hoor je het bejaarde stokpaardje: kinderen moeten gewoon strenger aangepakt worden!

Lees ons interview met Alfie Kohn in editie SAMEN.

Anti-autoritair of onvoorwaardelijk opvoeden?

Ze wijzen naar onvoorwaardelijk ouderschap als variant op een anti-autoritaire opvoeding. Want met deze softe aanpak van onderhandelen, overleggen en gelijkwaardig behandelen moet het afgelopen zijn. We moeten laten zien wie de baas is, zoals onze grootouders deden in de jaren ’50. De tijd dat kinderen niet per se gewenst waren maar simpelweg kwamen. Toen kinderen hun plek nog wisten en fysiek straffen heel normaal was. Dat daar als tegenreactie een anti-autoritaire aanpak op kwam is een logisch gevolg. De verwarring met onvoorwaardelijk ouderschap is niet terecht.

De idealen op zich vind ik prachtig. Daar baseren wij ook veel van onze keuzes op. Zoals ruimte voor autonomie, kritisch nadenken, gelijkwaardigheid, zelfstandigheid, coöperatief in plaats van competitief, intrinsieke motivatie en pacifisme.

Verwar anti-autoritair niet met onvoorwaardelijk opvoeden

Het moeilijke van de jaren ’60 anti-autoritaire opvoeding is dat het meer is dan niet de ‘baas’ willen zijn over je kinderen. De praktische uitwerking verliep vroeger dan ook niet altijd even soepel.¹

Onvoorwaardelijk ouderschap is iets anders.

Zie het  als de anti-autoritaire opvoeding 2.0. Met als groot verschil dat er bij de vroegere anti-autoritaire opvoeding vaak sprake was van laissez-faire: lamawaaien. Bij onvoorwaardelijk ouderschap is dat totaal niet het geval. De twee stromingen zijn alleen al daarom niet over een kam te scheren. Ouders die onvoorwaardelijkheid hoog in het vaandel hebben staan zijn juist erg betrokken. In hun manier van communiceren met de kinderen en ze observeren meer. ‘Laat ze het zelf maar oplossen’ is een term die daar niet bij past.

Begeleiden bij conflicten

Conflicten tussen kinderen begeleid je door de behoeften van beide partijen te vertalen en duidelijk te maken. Zo komt er begrip  en kunnen kinderen samen tot een oplossing komen. Je herinnert kinderen bijvoorbeeld aan zelf ervaren emoties om het inlevend vermogen te ontwikkelen. ‘Weet je nog toen jouw schepje gisteren werd afgepakt? Dat was niet fijn. Dit kind vindt het volgens mij ook niet fijn.’ Afhankelijk van de daarop volgende reactie ga je verder. Soms lossen kinderen het zelf op, soms is er meer hulp nodig. Een kind heeft oefening en ervaring nodig om tot oplossingen te komen. Dat ontwikkelt zich niet zomaar vanzelf, maar vraagt veel betrokkenheid van de ouders.

Het meest wezenlijke verschil is hoe er met grenzen omgegaan wordt.

De anti-autoritaire opvoeding geeft deze vaak niet duidelijk aan vanwege de afkeer van autoriteit. Een afkeer die er in de jaren 60-70 heel diep in zat. Want had blinde gehoorzaamheid niet geleid tot een allesverwoestende wereldoorlog? Vanwege de angst autoritair te zijn gaven ouders hun grenzen niet aan en cijferden zichzelf soms zelfs weg. Wat prima gaat totdat de grens letterlijk bereikt wordt en je boos, verongelijkt of verdrietig wordt.

Kinderen zijn net mensen.

Wanneer jij niet aangeeft waar voor jou de grens ligt en welke behoeften je hebt, kun je ook niet verwachten dat iemand er rekening mee houdt. Wanneer ouders met onvoorwaardelijk ouderschap starten zie je dat ze vaak in dezelfde valkuilen stappen als de anti-autoritaire ouders van toen. Dan krijg je bijvoorbeeld zinnen als ‘Ik vind het niet zo leuk wanneer je met mijn grootmoeders serviesgoed op de tafel ramt, lieverd’. Wat helemaal niet overeenkomt met je werkelijke gevoelens op dat moment.

Duidelijkheid is het sleutelwoord in elke relatie.

Worden jouw behoeften steeds genegeerd dan word je boos, moe, verdrietig, uitgeput en gefrustreerd. Je krijgt een kort lontje en je vermogen tot het vinden van een creatieve oplossing neemt af. Je hebt geen ruimte in je hoofd om de situatie van een afstand te bekijken of om je kind zelf met een oplossing te laten komen. En ja. Dan ga je na al die toegeeflijkheid en het overschrijden van je grenzen soms schreeuwen Dat Ze Gewoon Moe-ten Luis-te-ren, Omdat Jij Het Zegt!

Andermans behoeften

Duidelijk zijn over je behoeften en grenzen is cruciaal voor het welbevinden van iedereen.

Je hoopt dat je kind dit op een dag ook durft en kan. Dus leef dat voor. Laat zien hoe jij met je grenzen en behoeften omgaat. Het helpt bij de ontwikkeling van het inlevend vermogen. Geeft ze een voorbeeld waar ze zich aan kunnen spiegelen en leert ze rekening te houden met een ander. Dit ontbreekt bij een laissez-faire opvoeding nogal eens, omdat kinderen enkel op zichzelf en de eigen behoeften zijn gericht. Ik snap wel dat mensen dan geïrriteerd raken over de opvoeding van tegenwoordig.

Boos worden is een normale menselijke emotie.

Het is juist leerzaam wanneer je laat zien dat jij ook weleens boos bent en hoe je daar vervolgens mee omgaat. Opvoeden is grotendeels voorleven en door het leven gaan zonder boosheid is niet realistisch. Boosheid is dan een verboden emotie die er niet mag zijn. Waar opgekropte boosheid allemaal toe kan leiden hoef ik denk ik niet uit te leggen.

Ook met het aangeven dat iets niet mag is niets mis.

Zelf kies ik ervoor om het letterlijke woord ‘nee’ te vermijden. Het roept meestal weerstand op en geeft erg weinig informatie. Effectiever is het wanneer ik duidelijk aangeef wat ik niet prettig vind en waarom. Met als afsluiter een alternatief of een duidelijke grens. Daarbij probeer ik erop te letten om wiens behoefte het gaat. Zoals zo mooi wordt geïllustreerd in deze vraag die ik ooit las van een jongetje: ‘Waarom moet ik een jas aan omdat jij het koud hebt?’ Je hoeft niet elk aspect van een kinderleven te bepalen of te organiseren.

Kinderen hebben geen autoritaire opvoeders nodig.

Fijne handvatten zijn: geef ruimte aan autonomie, leef voor, pick your battles en wees spaarzaam met je nee’s. Grenzen aangeven en voorzien in ieders behoeften is belangrijk en hoeft helemaal niet op autoritaire wijze, of door middel van een straf of beloning. Het is een hoop herhaling, voorleven, duidelijk communiceren, open staan voor de ander, gelijkwaardigheid, samen zoeken naar oplossingen of compromissen en observeren.

Wees spaarzaam met je nee’s

Dus ja: ‘Jouw vrijheid eindigt waar die van een ander begint’ en ‘Wat gij niet wil dat u geschiedt doet dat ook een ander niet’. Dat gaat natuurlijk op voor zowel kinderen als ouders. Waarbij jij degene bent met meer geduld, de mogelijkheid om je behoeften wat uit te stellen, een langetermijnvisie en veel meer ervaring. Maar wacht alsjeblieft niet tot je beker helemaal vol is, want dan kan er niets meer bij.

Wanneer je huilend op het karkas van je bank zit, omdat alle kussens door de kamer vliegen, wanneer je kinderen totaal niet meer luisteren omdat ze door het dolle heen zijn, dan zijn er al een heleboel grenzen overschreden en behoeften genegeerd. En daar wordt uiteindelijk niemand gelukkig van.

Kiind 15-2019: thema SAMEN

Anti-autoritair opvoeden in het Historisch Nieuwblad

Lees ook het boek Unconditional parenting van Alfie Kohn

En lees grenzen stellen op Kiind.

DOWNLOAD EDITIE GROEI NU GRATIS (t.w.v. 9,95 euro)

Je ontvangt meteen onze zinnige nieuwsbrief (waarvoor je je uiteraard op ieder moment kunt uitschrijven)

Het is gelukt, je hebt mail! (check ook je spamfolder)

0