Dik drie weken geleden was het ineens zover: Nederland ging min of meer dicht. Heel veel volwassenen niet meer naar het werk, kinderen niet meer naar school, niemand meer op visite bij opa en oma, geen studenten meer in de collegezalen, geen concerten of dansfeestjes meer, niks. Niet omdat de koning had besloten dat iedereen een heerlijk lome niksdoenvakantie had verdiend, maar omdat de wereld gebukt ging onder een enorm besmettelijk virus dat ernstige gevolgen kon hebben als je ermee in aanraking kwam.

Ik zoek mijn weg in de tientallen berichten van de leerkrachten en de overvloed aan whatsappberichten van andere ouders

Ik weet niet hoe het jou vergaat, maar ik ben nog steeds niet van de omslag bekomen. In de chaos van het thuisblijven heb ik mijn eigen studie op pauze gezet. Studeren deed ik in de uren dat mijn kinderen op school zaten, en in de weekends zat ik vaak in de openbare bibliotheek. Die tijd heb ik nu niet meer. In plaats van anatomie en fysiologie bestudeer ik nu de ongeveer dertig verschillende websites die ervoor moeten zorgen dat mijn kinderen hun schoolwerk kunnen blijven doen. Ik zoek mijn weg in de tientallen berichten van de leerkrachten en de overvloed aan whatsappberichten van andere ouders. En ik schiet tekort.

Laat ik voorop stellen dat ik niets dan lof heb voor het feit dat de scholen in drie weken tijd zo goed als volledig zijn overgeschakeld naar digitaal onderwijs op afstand. Ik heb bewondering voor de inzet van de leerkrachten en de ondersteunende diensten die deze onvoorziene monsterklus binnen zo korte tijd hebben weten te klaren. Voor een hoop gezinnen werkt het gelukkig best goed om thuis een lesschema van school te volgen. Dat is fijn. Dat maakt het leven van die gezinnen misschien een beetje makkelijker. Er zijn zelfs kinderen die het thuis beter doen dan op school. Kinderen voor wie het tempo van school te laag lag bijvoorbeeld. En kinderen die zich op school niet veilig voelden omdat ze bijvoorbeeld gepest werden. Er zijn kinderen die eindelijk kunnen laten zien wat zij in huis hebben nu ze niet meer in de pas hoeven te lopen. Voor die kinderen is deze tijd ondanks de ernst van de pandemie een verademing.

Er zijn ook gezinnen die het niet kunnen bijbenen

Maar er zijn ook gezinnen die het niet kunnen bijbenen. Dat heeft met veel meer te maken dan alleen het aanbod van lesstof. Om maar even een open deur in te trappen; er zit geen enkel kind meer op school. De vanzelfsprekendheid waarmee de klas op maandag begint met een half uurtje lezen en op dinsdag met een gymles is verdwenen. Die structuur valt thuis niet na te bootsen. Want school is niet alleen de dingen die je doet, het zijn ook de mensen met wie je het doet en de plek waar je het doet. Op school ben je gewend om na je leesles aan je tekening te gaan werken totdat het tijd is voor rekenen. Thuis word je afgeleid door de Donald Duck op de bank, de buurjongen die buiten een balletje trapt, mama die langs de keukentafel wandelt voor een kop koffie. Papa wil je heus wel helpen met die lastige som, maar ondertussen moet hij ook vijf verschillende mails beantwoorden, dus hij is er maar half bij met zijn hoofd.

 

Daarnaast gaan de verschillende scholen nogal verschillend om met wat zij van hun leerlingen en de ouders verwachten. Er zijn scholen die een programma aanbieden met de geruststellende boodschap dat het echt niet allemaal hoeft te lukken. Maar er zijn ook scholen die verwachten dat hun leerlingen iedere week opdrachten inleveren en toetsen doen. En dat is voor een aantal kinderen en ouders niet haalbaar. We staan al onder grote druk: iedereen heeft zorgen om zijn gezondheid of de gezondheid van zijn naasten, veel mensen zien hun inkomsten teruglopen en geïsoleerd leven van andere mensen is gewoon zwaar. Daar zijn wij mensen niet op gemaakt. Het is niet gek dat je in zo’n uitzonderlijke situatie niet toekomt aan het begeleiden van je kind.

We zijn mensen die vanwege een wereldwijde crisis thuis zijn komen te zitten, en daarnaast proberen we zo goed en zo kwaad als het gaat een beetje schoolwerk te doen met onze kinderen

Een uurtje per dag lukt de meesten nog wel, maar schoolprogramma’s die lopen van 08:30 tot 14:30 uur vragen van ouders en kinderen dat zij niets anders te doen hebben dan schoolwerk. In verreweg de meeste gezinnen is dat niet aan de orde. We zijn immers geen thuisonderwijzers. We zijn mensen die vanwege een wereldwijde crisis thuis zijn komen te zitten, en daarnaast proberen we zo goed en zo kwaad als het gaat een beetje schoolwerk te doen met onze kinderen. Als we al de luxe hebben om veilig thuis te kunnen blijven natuurlijk, want voor medisch personeel, supermarktmedewerkers en andere mensen in vitale beroepen is dat geen gegeven. Naast alle stress die nu komt kijken bij de opdracht om het hoofd boven water te houden, kunnen we extra druk van school uit missen als kiespijn.

screenshot: ik ben gestopt de emails te openen van school

Reactie op Anita’s post op Facebook

Dan heb ik het nog niet gehad over de leerlingen die sowieso al moeite hebben om mee te komen in het tempo van school. Omdat zij nu eenmaal meer tijd nodig hebben om dingen te leren, of omdat zij gehinderd worden door bijvoorbeeld ziekte, trauma, autisme, ad(h)d, faalangst… Dan heb ik het nog niet gehad over kinderen die thuis niet beschikken over een computer. Over ouders die hun kinderen niet kunnen helpen omdat zij onvoldoende Nederlands spreken, omdat zij laaggeletterd zijn, omdat zij zelf te maken hebben met een zichtbare of onzichtbare handicap. Over kinderen die nu dag in, dag uit in een onveilige thuissituatie verkeren zonder dagelijks even bij te kunnen komen op school. Over de ouders die verdwalen in veelheid van websites, wachtwoorden, instructievideo’s. Hoeveel andere ouders zetten net als ik overdag de meldingen van de whatsappgroep van school uit omdat ze ontmoedigd raken van de zoveelste tip, opdracht of oproep? Hoeveel ouders haken af omdat ze het niet meer kunnen bijhouden, terwijl school na drie weken nog niet gevraagd heeft hoe het nu eigenlijk gaat?

Voor deze marathon heeft niemand getraind, en er is maar één manier om dit tot voorbij de finish vol te houden

Zoals gezegd, ik vind het ontzettend knap dat het de scholen is gelukt om in zo’n korte tijd zo’n enorme omslag te maken. Dat tempo was onvoorstelbaar. Maar de maatregelen omtrent corona zijn inmiddels verlengd tot in elk geval de meivakantie, en het is nog niet zeker of de kinderen daarna weer naar school kunnen. Dat betekent dat we niet meer sprinten, maar dat we ons moeten instellen op een marathon. Iedere hardloper weet dat je een marathon alleen kunt uitlopen als je niet te snel gaat.

Voor deze marathon heeft niemand getraind, en er is maar één manier om dit tot voorbij de finish vol te houden: het tempo moet omlaag. De ouders en kinderen die het nu fantastisch doen, kunnen ook buiten het aangeboden schoolwerk om genieten van alles wat er te leren valt. Maak dat werkstuk, vogel dat recept uit, observeer die beestjes op het balkon en teken ze na. Er zijn online een miljoen educatieve ideeën te vinden. En deel dat wat je leert vooral met je juf of meester, die vindt het vast en zeker geweldig.

Screenshot: Ik kreeg mail van school dat het toch echt de bedoeling is dat de verplichte opdrachten online gemaakt worden en dat we deze week antwoordbladen krijgen om na te kijken

Reactie op Anita’s Facebookpost

Maar de ouders en kinderen die nu, na drie weken, al buiten adem zijn van het balanceren van alles wat er moet gebeuren én het schoolwerk, die hebben echt even een adempauze nodig. Een plaspauze, een bekertje water, even wandelen in plaats van rennen. Geef ze daarna de ruimte om op hun eigen tempo verder te gaan. Het is fijn dat er een ruim aanbod van schoolwerk is, maar het mag best zonder de druk om iedere week toetsen te maken, werkstukken in te leveren, hoofdstuk 6 en 7 af te hebben, inclusief de bonusopdrachten. Want deze situatie oefent heus al genoeg druk uit op iedereen. Er is sprake van een wereldwijde gezondheidscrisis, dat is verdorie niet niks.

Dit is niet het moment om te pushen

Er zijn honderden redenen te bedenken waarom kinderen op dit moment niet het werk afleveren waartoe ze onder normale omstandigheden in staat zijn. Dit is niet het moment om te pushen. Dit is het moment om te kijken naar hoe het met ze gaat. Zijn ze, ondanks alles wat ze op dit moment moeten missen, nog in staat om te lachen? Om misschien een half uurtje te oefenen met lezen? Zijn ze blij om hun meester op de computer te zien, om even met hun klasgenoten te chatten? Dáár zou school op dit moment over moeten gaan, over het contact met anderen. Want dat is wat deze crisis ons heeft afgenomen. Die sommen liggen er morgen ook nog wel. Laten we ondertussen vooral zorgen dat er geen kinderen van de kaart vallen. Zodat we aan het eind van de rit met de hele klas, de hele school, met alle leerkrachten, alle leerlingen én alle ouders over de finish komen.

Beeld: Tjim Prins van Lepetitlux

 

GRATIS EDITIE KIIND

Lees Kiind stiekem lekker gratis. Download editie THUIS! Je ontvangt meteen ook de nieuwsbrief vol inspiratie - waarvoor je je ieder moment kunt uitschrijven.

Het is gelukt, we gaan een mail naar je typen! (check ook je spamfolder)

0